Geen immateriële schadevergoeding na twee onrechtmatige marketingmails sportschool
Rb. Noord-Holland 12 mei 2026, IT&Recht 5313; ECLI:N:RBNHO:2026:5128 ([verzoeker] tegen Saints & Stars). In deze zaak verzoekt [verzoeker] de Rechtbank Noord-Holland om Saints & Stars te veroordelen tot betaling van € 750 aan immateriële schadevergoeding op grond van artikel 82 AVG. Nadat [verzoeker] zijn lidmaatschap had opgezegd en Saints & Stars had verzocht zijn persoonsgegevens te verwijderen, ontving [verzoeker] alsnog twee algemene marketingmails van de sportschool. Aanvankelijk verzoekt [verzoeker] daarnaast om een bevel tot definitieve verwijdering van zijn persoonsgegevens op grond van artikel 17 AVG. De rechtbank stelt eerst vast dat [verzoeker] in zijn verzoek kan worden ontvangen. De zeswekentermijn van artikel 35 lid 2 UAVG geldt uitsluitend voor verzoeken die zijn gebaseerd op de rechten uit artikel 15 tot en met 22 AVG en niet voor een verzoek om schadevergoeding op grond van artikel 82 AVG. [Verzoeker] heeft zijn verzoek tot verwijdering van persoonsgegevens tijdens de mondelinge behandeling uitdrukkelijk ingetrokken, zodat alleen het verzoek om immateriële schadevergoeding ter beoordeling voorligt. Ten aanzien van de verwerking van de persoonsgegevens oordeelt de rechtbank dat Saints & Stars de gegevens van [verzoeker] weliswaar rechtmatig mocht bewaren voor de afwikkeling van de overeenkomst en om te voldoen aan haar fiscale bewaarplicht, maar dat deze gegevens niet mochten worden gebruikt voor marketingdoeleinden. Niet in geschil is dat [verzoeker] daarvoor geen toestemming had gegeven en dat de persoonsgegevens na de opzegging niet voor dat doel bewaard mochten blijven. Voor de twee marketingmails van 9 en 28 september 2025 ontbreekt dan ook een geldige verwerkingsgrondslag als bedoeld in artikel 6 AVG. De verzending van deze marketingmails is daarom in strijd met artikel 6 AVG en daarmee onrechtmatig.