DOSSIERS
Alle dossiers

Privacy  

IT 5405

Geen aansprakelijkheid voor faillissementstekort, wel terugbetaling van onrechtmatige onttrekkingen en rekening-courantschuld

Rechtbank Noord-Holland 8 apr 2026,, IT 5405; ECLI:NL:RBNHO:2026:8315 (de curator tegen [gedaagde]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geen-aansprakelijkheid-voor-faillissementstekort-wel-terugbetaling-van-onrechtmatige-onttrekkingen-en-rekening-courantschuld

Rb. Noord-Holland 8 april 2026, IT 5405; ECLI:NL:RBNHO:2026:8315 (de curator tegen [gedaagde]). De curator vorderde dat de enige bestuurder van de failliete vennootschap op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk zou worden gehouden voor het faillissementstekort. Hij stelde onder meer dat de bestuurder de administratieplicht van artikel 2:10 BW had geschonden en zonder rechtsgrond in totaal € 15.440 aan zichzelf en een gelieerde vennootschap had betaald. De rechtbank wijst de primaire vorderingen af. Hoewel de bestuurder lange tijd slechts een beperkt deel van de administratie aan de curator had verstrekt, bleek dat de administratie in Exact Online werd bijgehouden. De bestuurder had Exact uiteindelijk verzocht om de curator toegang tot deze digitale administratie te geven. Daarmee had hij voldaan aan zijn verplichting om de administratie voor de curator toegankelijk te maken. Nadat die toegang was aangeboden, rustte op de curator de eigen verantwoordelijkheid om de digitale administratie veilig te stellen, bijvoorbeeld door daarvan een kopie te maken. De curator had de door Exact aangeboden toegang op zijn eigen naam geweigerd en kon daarom niet uitsluitend uit het ontbreken van een door de bestuurder aangeleverde kopie afleiden dat de administratieplicht was geschonden. Pas na onderzoek van de online administratie kon worden vastgesteld of aan artikel 2:10 BW was voldaan. Het bewijsvermoeden van artikel 2:248 lid 2 BW was daarom niet van toepassing. Ook had de curator onvoldoende onderbouwd dat de betalingen van € 15.440 een belangrijke oorzaak van het faillissement waren.

IT 5404

Financieel oogmerk en stelselmatige werkwijze maken AVG-inzageverzoek tot misbruik van recht

Rechtbank Noord-Holland 21 jul 2026,, IT 5404; ECLI:NL:RBNHO:2026:9165 ([verzoeker] tegen Wolters), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/financieel-oogmerk-en-stelselmatige-werkwijze-maken-avg-inzageverzoek-tot-misbruik-van-recht

Rb. Noord-Holland 21 juli 2026, IT 5404; ECLI:NL:RBNHO:2026:9165 ([verzoeker] tegen Wolters Wonen). Verzoeker stuurde op 19 juli 2025 een inzageverzoek op grond van artikel 15 AVG naar het e-mailadres info@baby-dump.nl. Wolters Wonen, handelend onder de naam Fundesign.nl, stelde dat zij dit oorspronkelijke verzoek niet had ontvangen, omdat het naar het e-mailadres van Baby-Dump was verzonden. Nadat verzoeker Wolters op 21 augustus 2025 had gesommeerd om alsnog aan het verzoek te voldoen en aanspraak had gemaakt op € 925 aan buitengerechtelijke kosten, reageerde Wolters op 22 augustus 2025. Op 25 september en 16 oktober 2025 volgden aanvullende antwoorden. Volgens verzoeker waren deze antwoorden niet tijdig en boden zij geen volledige inzage in zijn persoonsgegevens. Na vermindering van zijn verzoek verlangde hij alleen nog dat Wolters op straffe van een dwangsom volledige inzage zou verstrekken en dat zij in de proceskosten zou worden veroordeeld. Zijn oorspronkelijke verzoeken om schadevergoeding, buitengerechtelijke kosten en vergoeding van de werkelijke proceskosten handhaafde hij niet. Wolters voerde aan dat zij het verzoek volledig had beantwoord en dat verzoeker misbruik maakte van zijn AVG-rechten, omdat hij niet werkelijk controle van zijn persoonsgegevens beoogde, maar financieel voordeel wilde verkrijgen.

IT 5409

OM handelt onrechtmatig door herleidbaar persbericht over zedenverdenking zonder vereiste toestemming

Rechtbank Den Haag 24 jun 2026,, IT 5409; ECLI:NL:RBDHA:2026:19054 ([eiser] tegen de Staat), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/om-handelt-onrechtmatig-door-herleidbaar-persbericht-over-zedenverdenking-zonder-vereiste-toestemming

Rb. Den Haag 24 juni 2026, IT 5409; ECLI:NL:RBDHA:2026:19054 ([eiser] tegen de Staat). De politie publiceerde op 31 maart 2023, in afstemming met het Openbaar Ministerie, een persbericht waarin stond dat de eigenaar van een nachtclub in een bepaalde plaats werd verdacht van aanranding en verkrachting van twee minderjarige meisjes en dat eerder vergelijkbare meldingen over hem waren binnengekomen. De rechtbank stelt op basis van de verklaringen van de betrokken politie- en OM-functionarissen vast dat het primaire doel van het bericht het vergroten van de meldingsbereidheid van mogelijke andere slachtoffers was. Het bericht was dus gericht op waarheidsvinding en moest als opsporingsberichtgeving worden beoordeeld, niet uitsluitend als algemene publieksvoorlichting. Het OM had met de aanduiding “eigenaar van een nachtclub” bewust beoogd de verdachte herkenbaar te maken voor potentiële slachtoffers. Daarmee was zijn identiteit in ieder geval voor deze groep derden herleidbaar en was in die zin sprake van het vrijgeven van zijn identiteit. Hiervoor was volgens de toepasselijke Aanwijzing opsporingsberichtgeving toestemming van de hoofdofficier van justitie vereist. Omdat vaststond dat deze toestemming niet was verleend, ontbrak van meet af aan een rechtvaardiging voor de inzet van dit opsporingsmiddel en handelde het OM onrechtmatig jegens eiser in de zin van artikel 6:162 BW. De vordering, voor zover gebaseerd op het handelen van de politie, wordt afgewezen, omdat de politie een van de Staat te onderscheiden rechtspersoon is. De rechtbank beoordeelt niet meer afzonderlijk of de mededeling over eerdere meldingen zelfstandig onrechtmatig was of dat de verwerking in strijd was met de AVG, omdat eiser geen afzonderlijke schade als gevolg daarvan had gesteld.

IT 5402

Stelselmatige AVG-inzageverzoeken met financieel oogmerk leveren misbruik van recht op

Rechtbank Noord-Holland 21 jul 2026,, IT 5402; ECLI:NL:RBNHO:2026:9168 ([verzoeker] tegen Suitable), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/stelselmatige-avg-inzageverzoeken-met-financieel-oogmerk-leveren-misbruik-van-recht-op

Rb. Noord-Holland 21 juli 2026, IT 5402; ECLI:NL:RBNHO:2026:9168 ([verzoeker] tegen Suitable). Verzoeker diende bij Suitable een verzoek in tot inzage in zijn persoonsgegevens op grond van artikel 15 AVG. Suitable vroeg hem zijn identiteit te bevestigen door een kopie van een geldig identiteitsbewijs te verstrekken, maar verzoeker weigerde dat. Vervolgens sommeerde hij Suitable om alsnog aan het inzageverzoek te voldoen, maakte hij aanspraak op € 925 aan buitengerechtelijke kosten en stelde hij onder dreiging van een procedure een schikking van € 1.250 voor. In de procedure verzocht hij, na vermindering van zijn verzoek, alleen nog om Suitable op straffe van een dwangsom te bevelen inzage te verstrekken en haar in de proceskosten te veroordelen. Suitable voerde aan dat verzoeker zijn AVG-rechten niet gebruikte om de verwerking van zijn persoonsgegevens te controleren, maar om financieel voordeel te verkrijgen.

IT 5399

Prejudiciële vragen aan HvJ EU over openbaarmaking persoonsgegevens bij overtreding van antidopingregels

HvJ EU 14 jul 2026,, IT 5399; ECLI:EU:C:2026:579 (AR e.a. tegen Österreichische Datenschutzbehörde e.a.), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/prejudiciele-vragen-aan-hvj-eu-over-openbaarmaking-persoonsgegevens-bij-overtreding-van-antidopingregels

HvJ EU 14 juli 2026, LS&R 2425; IT 5399; ECLI:EU:C:2026:579 (AR e.a. tegen Österreichische Datenschutzbehörde e.a.). In deze zaak worden zeven prejudiciële vragen gesteld omtrent de openbaarmaking van persoonsgegevens van sporters die de antidopingregels hebben overtreden. AR, YT, DI en RN zijn vier sporters aan wie wegens overtreding van de Oostenrijkse antidopingregels een tijdelijke dan wel levenslange uitsluiting van deelname aan wedstrijden is opgelegd. Op grond van de Oostenrijkse antidopingwetgeving moet NADA Austria op haar website een lijst publiceren met onder meer de voor- en achternaam van de betrokken sporter, de beoefende sport, de begane overtreding, de opgelegde sanctie en de begin- en einddatum daarvan. De ÖADR publiceert deze gegevens daarnaast via persberichten op haar website. In oktober 2021 verzoeken de sporters NADA Austria en de ÖADR om hun namen en de betreffende sporten van de websites te verwijderen. Nadat hieraan geen gehoor wordt gegeven, dienen zij een klacht in bij de Oostenrijkse toezichthouder wegens schending van het recht op gegevenswissing uit artikel 17 AVG. Zij stellen onder meer dat sprake is van bijzondere persoonsgegevens in de zin van artikel 9 AVG en van persoonsgegevens betreffende strafrechtelijke veroordelingen en strafbare feiten in de zin van artikel 10 AVG. Ook achten zij het Oostenrijkse systeem van algemene openbaarmaking niet noodzakelijk en onevenredig. De Oostenrijkse toezichthouder verklaart de klachten van AR, DI en RN ongegrond. Volgens de toezichthouder is de publicatie noodzakelijk om te voldoen aan een wettelijke verplichting, zodat op grond van artikel 17, derde lid, onder b, AVG geen recht op gegevenswissing bestaat. De klacht van YT wordt afgewezen wegens gebrek aan procesbelang, omdat haar gegevens op dat moment nog niet waren gepubliceerd. De sporters stellen tegen deze beslissing beroep in bij het Bundesverwaltungsgericht. YT voert daarbij aan dat haar een uitsluiting van vier jaar is opgelegd en dat de publicatie van haar gegevens daarom ophanden is.

IT 5398

Online publicatie van strafvonnissen valt niet zonder meer onder journalistieke uitzondering AVG

HvJ EU 9 jul 2026,, IT 5398; ECLI:EU:C:2026:564 (ND tegen Legal Newsdesk Sweden AB), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/online-publicatie-van-strafvonnissen-valt-niet-zonder-meer-onder-journalistieke-uitzondering-avg

HvJ EU 9 juli 2026, IT 5398; ECLI:EU:C:2026:564 (ND tegen Legal Newsdesk Sweden AB). In deze zaak beheert Legal Newsdesk Sweden de databank Lexbase, waarin tegen betaling kan worden gezocht naar personen en ondernemingen die het voorwerp zijn geweest van strafprocedures voor Zweedse gerechten. ND is in 2011 strafrechtelijk veroordeeld. Legal Newsdesk Sweden publiceert het desbetreffende vonnis in Lexbase, waar het tot februari 2024 toegankelijk blijft. Nadat ND om verwijdering van zijn persoonsgegevens heeft verzocht, worden deze niet onmiddellijk verwijderd, maar pas later op grond van het interne bewaarbeleid van Legal Newsdesk Sweden. ND vordert daarop voor de Attunda tingsrätt een schadevergoeding van 300.000 Zweedse kroon wegens schending van de AVG. Legal Newsdesk Sweden betwist de vordering en beroept zich op een publicatiecertificaat dat grondwettelijke bescherming van de vrijheid van meningsuiting verleent aan de in Lexbase gepubliceerde informatie. Volgens de verwijzende rechter brengt het Zweedse recht mee dat de AVG in een dergelijk geval niet van toepassing is en dat de betrokkene slechts beschikt over de mogelijkheid van strafvervolging wegens laster of een schadevordering wegens laster. De verwijzende rechter vraagt het Hof daarom in wezen of artikel 85 lid 1 AVG lidstaten toestaat om, buiten de in artikel 85 lid 2 genoemde journalistieke doeleinden of academische, artistieke of literaire uitdrukkingsvormen, van bepalingen van de AVG af te wijken ter bescherming van de vrijheid van meningsuiting en informatie, of de rechtsbescherming van een betrokkene mag worden beperkt tot rechtsmiddelen wegens laster en of het tegen betaling online beschikbaar stellen van openbare strafrechtelijke veroordelingen zonder bewerking of aanpassing kan worden aangemerkt als verwerking voor journalistieke doeleinden. 

IT 5396

Gemeente moet camerabeelden tonen na belangenafweging onder de AVG

Rechtbank Gelderland 17 jun 2026,, IT 5396; ECLI:NL:RBGEL:2026:5205 ([verzoekende partij] tegen gemeente Nijmegen), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/gemeente-moet-camerabeelden-tonen-na-belangenafweging-onder-de-avg

Rb. Gelderland 17 juni 2026, IT 5396; ECLI:NL:RBGEL:2026:5205 ([verzoekende partij] tegen gemeente Nijmegen). In deze zaak tussen [verzoekende partij] en de gemeente Nijmegen staat de vraag centraal of de gemeente camerabeelden van een ongeval op een ijsbaan beschikbaar moet stellen. De zoon van [verzoekende partij] liep bij het incident tandletsel op. De beelden zijn nodig om de aansprakelijkheid van een andere betrokkene te beoordelen. De gemeente had de camerabeelden veiliggesteld, maar weigerde een kopie te verstrekken omdat daarop ook andere bezoekers te zien zijn en de beelden niet zonder meer konden worden geblurd. Volgens de gemeente stond de AVG daarom aan afgifte in de weg.

IT 5395

Rb. Noord-Nederland: 36 maanden cel voor handel in leads en grootschalige online fraude

Rechtbank Noord-Holland 16 jun 2026,, IT 5395; ECLI:NL:RBNNE:2026:2388 (het OM tegen de verdachte), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/rb-noord-nederland-36-maanden-cel-voor-handel-in-leads-en-grootschalige-online-fraude

Rb. Noord-Nederland 16 juni 2026, IT 5395; ECLI:NL:RBNNE:2026:2388 (het OM tegen de verdachte). In deze strafzaak tegen [verdachte] staat zijn betrokkenheid bij de handel in persoonsgegevens, het ronselen van geldezels en verschillende vormen van online fraude centraal. De rechtbank veroordeelt hem onder meer voor het handelen in zogenoemde leads, het medeplegen van het verzamelen van inloggegevens en bankpassen, oplichting, diefstal met een valse sleutel en een poging tot kind-in-noodfraude. De politie onderzocht de handel in leads en combolijsten via Telegram. Via het account [account 1] werden persoonsgegevens aangeboden en bankpassen en bankrekeningen gezocht. De rechtbank stelt vast dat dit account door [verdachte] werd gebruikt. Op zijn telefoon en laptop werden honderden leadslijsten aangetroffen, evenals software en handleidingen voor phishing, het genereren van leadslijsten en het verzenden van bulkberichten. Ook verkocht hij tweemaal leads aan undercoveragenten. Daarnaast ronselde [verdachte] samen met zijn broer geldezels. Zij verzamelden onder meer bankpassen, simkaarten en inloggegevens van bank- en crypto-accounts. Een van deze rekeningen werd gebruikt bij bankhelpdeskfraude, waarbij bijna € 140.000 van een slachtoffer werd weggenomen. Volgens de rechtbank was de bijdrage van [verdachte] voldoende wezenlijk om hem als medepleger voor het volledige bedrag verantwoordelijk te houden.

IT 5384

Hoge Raad verduidelijkt representativiteitseis in collectieve privacyactie tegen Oracle en Salesforce

Hoge Raad 17 jul 2026,, IT 5384; ECLI:NL:HR:2026:1198 (Oracle tegen TPC/Salesforce tegen TPC), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/hoge-raad-verduidelijkt-representativiteitseis-in-collectieve-privacyactie-tegen-oracle-en-salesforce

HR 17 juli 2026, IT 5384; ECLI:NL:HR:2026:1198 (Oracle tegen TPC/Salesforce tegen TPC). Stichting The Privacy Collective (TPC) stelde namens ongeveer tien miljoen Nederlandse internetgebruikers een collectieve actie in tegen Oracle en Salesforce wegens gestelde privacyschendingen die verband houden met het plaatsen van cookies en het opbouwen en gebruiken van gebruikersprofielen voor onder meer gerichte reclame. TPC vorderde onder meer verklaringen voor recht, ge- en verboden en tegen ieder van de ondernemingen betaling van € 5 miljard, althans € 500 per persoon uit de relevante achterban. De Rechtbank Amsterdam verklaarde TPC niet-ontvankelijk omdat niet was voldaan aan het representativiteitsvereiste van artikel 3:305a lid 2 BW. Het Gerechtshof Amsterdam vernietigde dat oordeel, verklaarde TPC ontvankelijk en verwees de zaak terug naar de rechtbank. De Hoge Raad oordeelt dat de ontvankelijkheidseisen van artikel 3:305a lid 1 tot en met 3 BW in hoger beroep in beginsel ex nunc worden getoetst. De rechter mag dus rekening houden met feiten, omstandigheden en herstelde gebreken die zich na het uitbrengen van de dagvaarding hebben voorgedaan. De tekst en wetsgeschiedenis van de WAMCA geven geen aanleiding om op dit punt af te wijken van het algemene uitgangspunt dat de appelrechter beslist naar de toestand ten tijde van zijn uitspraak.

IT 5391

Uitspraak ingezonden door Xavier Koehoorn, Dillinger Law & Kristien Wevers, GSJ Advocaten.

Argenta moet gegevens rekeninghouder verstrekken voor onderzoek naar mogelijke merkinbreuk

Overige instanties 2 jul 2026,, IT 5391; A/26/02126 (Volkswagen tegen Argenta Spaarbank), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/argenta-moet-gegevens-rekeninghouder-verstrekken-voor-onderzoek-naar-mogelijke-merkinbreuk

Ondernemingsrechtbank Antwerpen 2 juli 2026, IEF 23711; IEFbe 4266; IT 5391; A/26/02126 (Volkswagen tegen Argenta Spaarbank). In deze zaak vordert Volkswagen dat Argenta Spaarbank wordt bevolen de identiteit en contactgegevens te verstrekken van de houder van een bankrekening waarop inkomsten uit vermeend nagemaakte wieldoppen met het Volkswagen-logo zijn ontvangen. Volkswagen heeft vastgesteld dat dergelijke wieldoppen via 2dehands.be worden verkocht. Uit een door de anti-namaakorganisatie ABAC-BAAN verrichte proefaankoop blijkt dat de betrokken verkoper gebruikmaakt van een bankrekening bij Argenta. Volkswagen verzoekt om verstrekking van de volledige naam, de adresgegevens, het eventuele ondernemingsnummer, het telefoonnummer en het e-mailadres van de rekeninghouder, om te kunnen onderzoeken of sprake is van een inbreuk op haar merkrechten en daartegen zo nodig op te treden. Argenta betwist de vordering tot verstrekking van deze gegevens in essentie niet en gedraagt zich wat dat betreft naar de wijsheid van de rechtbank. Zij verzet zich wel tegen de oplegging van een dwangsom, omdat zij aankondigt het vonnis te zullen naleven.