DOSSIERS
Alle dossiers

Internet  

IT 5103

EHRM over vrijheid van meningsuiting van rechters op sociale media

Overige instanties 25 dec 2025, IT 5103; 16915/21 (DANILEŢ tegen Roemenië), https://itenrecht.nl/artikelen/ehrm-over-vrijheid-van-meningsuiting-van-rechters-op-sociale-media

EHRM 25 december 2025, IEF 23266; IT 5103; IEFbe 4100; 16915/21 (DANILEŢ tegen Roemenië). Deze zaak gaat over een klacht op grond van artikel 10 EVRM, ingediend door een Roemeense rechter, naar aanleiding van een disciplinaire sanctie wegens twee berichten die hij in januari 2019 op zijn openbare Facebookpagina had geplaatst. De verzoeker was op dat moment rechter bij het gerechtshof Cluj en genoot aanzienlijke publieke bekendheid, mede door eerdere functies binnen de rechterlijke macht en zijn actieve deelname aan maatschappelijke debatten over democratie, rechtsstaat en justitie. Op zijn Facebookpagina, die ongeveer 50.000 volgers telde, publiceerde hij twee berichten. Het eerste bericht ging over vermeende pogingen om kerninstituties van de staat (waaronder justitie, politie en leger) te ondermijnen en bevatte een retorische passage over de constitutionele rol van het leger bij het beschermen van de democratie. Het tweede bericht bestond uit een link naar een persartikel waarin een officier van justitie kritiek uitte op hervormingen binnen het strafrecht, met daarbij de tekst: “Now here’s a prosecutor with some blood in his veins (sânge în instalaţie), speaking his mind about dangerous prisoners being freed, our leaders’ bad ideas on legislative reform, and judges and prosecutors being ‘lynched’!” (Vertaald). De Judicial Inspection Board startte ambtshalve een onderzoek wegens mogelijk gedrag dat de eer en het imago van de rechterlijke macht zou aantasten, zoals bedoeld in artikel 99(a) van Wet nr. 303/2004. Na onderzoek werd de zaak voorgelegd aan de disciplinaire kamer van de Nationale Raad voor de Magistratuur, die oordeelde dat de verzoeker zijn plicht tot terughoudendheid had geschonden. Daarbij werd benadrukt dat zijn uitlatingen, mede gelet op hun vorm en publieke verspreiding, het vertrouwen in staatsinstellingen en de rechterlijke macht konden ondermijnen. Als sanctie werd een tijdelijke salarisverlaging van 5% voor twee maanden opgelegd. Het door de verzoeker ingestelde beroep werd door het Hoog Gerechtshof van Cassatie en Justitie verworpen. Dat hof oordeelde dat de beperking van zijn uitingsvrijheid wettelijk was voorzien, een legitiem doel diende (het beschermen van het gezag en de onpartijdigheid van de rechterlijke macht) en proportioneel was. 

IT 5092

Oordeel voorzieningenrechter over bemiddelingssites Kings Online

Rechtbank Midden-Nederland 20 jan 2026, IT 5092; ECLI:NL:RBMNE:2026:112 (Translink en Rover tegen Kings Online), https://itenrecht.nl/artikelen/oordeel-voorzieningenrechter-over-bemiddelingssites-kings-online

Rb. Midden-Nederland 20 januari 2026, RB 3964; IT 5092; ECLI:NL:RBMNE:2026:112 (Translink en Rover tegen Kings Online). Kings Online biedt via twee websites (www.reisproductaanvragen.nl, en www.persoonlijkreisproduct.nl., hierna: de websites) een bemiddelingsdienst aan, waarmee zij voor consumenten een OV-chipkaart bestelt. De consument moet daarvoor € 37,50 betalen. Als consumenten de OV-chipkaart via de website van de officiële uitgever Translink bestellen, bedragen de kosten daarvoor € 7,50. Translink en Rover vinden dat Kings Online zich schuldig maakt aan oneerlijke handelspraktijken, omdat de websites en marketing van Kings Online misleidend zijn. Translink en Rover willen daarom dat Kings Online deze websites niet langer exploiteert, en dat [gedaagde partijen] ook geen andere websites mogen exploiteren waarop de aanvraag van een OV-chipkaart wordt aangeboden, op straffe van een dwangsom. Kings Online betwist dat zij zich schuldig maakt aan oneerlijke handelspraktijken. 

IT 5091

Online marktplaats kan verwerkingsverantwoordelijke zijn door persoonsgegevens in getoonde advertenties

HvJ EU 2 dec 2025, IT 5091; ECLI:EU:C:2025:935 (X tegen Russmedia Digital, Inform Media Press), https://itenrecht.nl/artikelen/online-marktplaats-kan-verwerkingsverantwoordelijke-zijn-door-persoonsgegevens-in-getoonde-advertenties

HvJ EU 2 december 2025, IT 5091; RB 3963; ECLI:EU:C:2025:935 (X tegen Russmedia Digital, Inform Media Press). Russmedia Digital, is eigenaar van de website www.publi24.ro, een onlinemarktplaats waarop kosteloos of tegen vergoeding advertenties kunnen worden gepubliceerd over met name de verkoop van goederen of het verlenen van diensten in Roemenië. Verzoekster in het hoofdgeding voert aan dat een niet-geïdentificeerde derde op 1 augustus 2018 op die website een misleidende en schadelijke advertentie heeft geplaatst waarin werd beweerd dat zij seksuele diensten aanbood. De advertentie bevatte met name foto’s van verzoekster in het hoofdgeding, die zonder haar toestemming werden gebruikt, maar ook haar telefoonnummer. Deze advertentie is vervolgens letterlijk overgenomen op andere reclamewebsites, waar zij met vermelding van de oorspronkelijke bron online is geplaatst. De Roemeense rechter stelde prejudiciële vragen, die het Hof eerst herformuleert.  

IT 5082

Kort geding over onrechtmatige uitlatingen en rectificatieplicht op social media

Rechtbank Rotterdam 31 dec 2025, IT 5082; ECLI:NL:RBROT:2025:15317 ([eisers] tegen [gedaagde]), https://itenrecht.nl/artikelen/kort-geding-over-onrechtmatige-uitlatingen-en-rectificatieplicht-op-social-media

Rb. Rotterdam 31 december 2025, IEF 23229; IT 5082; ECLI:NL:RBROT:2025:15317 ([eisers] tegen [gedaagde]). De zaak betreft een kort geding tussen een influencer en partner enerzijds en de beheerder van een juicekanaal anderzijds. [eisers] vorderen dat berichten van het juicekanaal worden verwijderd, verwijderd gehouden en dat een rectificatie op het juicekanaal wordt geplaatst. De berichten bevatten vermeende misstanden in de beautysalons van [eiser 1], een verjaardagsfeest in attractiepark DippieDoe en de professionele achtergrond van [eiser 2]. [eiser 1] reageert op zijn eigen kanalen met berichten waarin hij suggereert dat [gedaagde] achter ernstige bedreigingen, vernielingen en het “kapotmaken” van de eerste verjaardag van zijn kind zit, en hij kondigt een eigen onderzoek en “ontmaskering” aan. In conventie vorderen [eisers] op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW) en een inbreuk op hun recht op eer en goede naam en privacy (artikel 8 EVRM) onder meer dat de berichten worden verwijderd en verwijderd gehouden, dat het juicekanaal zich onthoudt van soortgelijke uitingen, dat een uitgebreide rectificatie wordt geplaatst op alle socialmediakanalen van het juicekanaal en dat de namen en adressen van de bronnen die uitlatingen over [eiser 2] hebben gedaan worden verstrekt, alles op straffe van dwangsommen. In reconventie vordert [gedaagde], ook onder beroep op onrechtmatige daad en bescherming van zijn eer en goede naam, dat [eiser 1] en [eiser 2] hun uitingen over hem verwijderen en verwijderd houden, dat zij zich onthouden van nieuwe onnodig grievende uitlatingen, dat zij een rectificatie plaatsen op hun eigen socialmediakanalen en dat zij tot de proceskosten worden veroordeeld.

IT 5067

Case tracker: AI en auteursrecht 2026 (Europa & Amerika)

Anno 2026 is de verzoening tussen AI en auteursrecht nog ver te zoeken. In Europa en de Verenigde Staten lopen tientallen procedures die direct raken aan de vraag hoe auteursrechtelijk beschermd materiaal zich verhoudt tot de ontwikkeling en het gebruik van (generatieve) AI.

In dit overzichtsartikel brengen we de belangrijkste zaken van dit moment samen. Het doel is geen uitputtend register, maar een praktisch overzicht van de procedures die op dit moment richtinggevend zijn voor het debat over AI en auteursrecht. Voor zover beschikbaar verwijzen we per uitspraak naar uitgebreidere analyses, zodat u zich verder kunt verdiepen.

De zaken zijn gegroepeerd per jurisdictie (Europa versus Amerika) en vervolgens geordend naar de centrale rechtsvragen die in de rechtspraak terugkeren.

We zullen dit overzicht in de loop van het jaar zo veel mogelijk blijven updaten, zodat u altijd op de hoogte blijft van de laatste stand van zaken.

IT 5031

Cyberfraude met Robeco-accounts en aankoop van Genesis Market-bots

Rechtbank Rotterdam 29 okt 2025, IT 5031; ECLI:NL:RBROT:2025:13090 (officier van justitie tegen [verdachte]), https://itenrecht.nl/artikelen/cyberfraude-met-robeco-accounts-en-aankoop-van-genesis-market-bots

Rb. Rotterdam 29 oktober 2025, IT 5031; ECLI:NL:RBROT:2025:13090 (officier van justitie tegen [verdachte]). De Rechtbank Rotterdam veroordeelt verdachte voor grootschalige cyberfraude tegen klanten van vermogensbeheerder Robeco en voor het kopen en voorhanden hebben van zogenoemde “bots” via Genesis Market. In de Robeco-zaak (2019–2021) logden verdachte en mededaders met gestolen inloggegevens in op MijnRobeco-accounts, wijzigden contact- en rekeninggegevens, deden zich telefonisch en per e-mail voor als klanten, lieten beleggingen verkopen en saldo’s overboeken naar rekeningen van fraudeurs, waardoor circa € 230.000 verdween. De rechtbank acht daarmee computervredebreuk, oplichting en diefstal met valse sleutel bewezen. Op telefoons en laptops die aan verdachte worden toegerekend stonden inloggegevens, persoonsgegevens en chats over de fraude; verweren over een vormverzuim bij de doorzoeking en dat vooral de ex-partner verantwoordelijk zou zijn, worden verworpen. Eén tenlastegelegd feit (feit 3, art. 231b Sr) leidt echter tot ontslag van alle rechtsvervolging omdat de tenlastelegging niet alle wettelijke bestanddelen bevat. Daarnaast acht de rechtbank bewezen dat verdachte tussen 2018 en 2022 via drie Genesis-accounts in totaal 377 bots kocht en de daarop aanwezige inloggegevens en cookies van derden verwierf en voorhanden had met het oogmerk daarmee computervredebreuk en verwante cyberdelicten te plegen.

IT 5017

Anti-SLAPP en art. 10 EVRM staan getuigenverhoor in zaak Bunq/NRC niet in de weg

Rechtbank Gelderland 1 sep 2025, IT 5017; Anti-SLAPP en art. 10 EVRM blokkeren getuigenverhoor niet (BUNQ B.V. tegen [belanghebbende] en Mediahuis NRC B.V.), https://itenrecht.nl/artikelen/anti-slapp-en-art-10-evrm-staan-getuigenverhoor-in-zaak-bunq-nrc-niet-in-de-weg

Rb. Gelderland 1 september 2025, IT 5017; ECLI:NL:RBGEL:2025:7700 (Bunq tegen NRC, [belanghebbende]). Bunq vraagt een voorlopig getuigenverhoor om [belanghebbende] te horen over de uitlatingen die NRC aan hem toeschrijft. In het artikel zegt hij dat Bunq fundamentele principes van cybersecurity en privacy negeert en daardoor een groot beveiligingsrisico vormt. Bunq twijfelt aan de feitelijke basis van deze uitspraken en denkt dat [belanghebbende] werkte met verouderde informatie of onjuist is weergegeven. NRC stelt dat Bunq misbruik maakt van het voorlopig getuigenverhoor, dat het verzoek neerkomt op een fishing expedition en dat de anti-SLAPP-richtlijn en artikel 10 EVRM het verzoek blokkeren.

IT 5006

NL rechter onbevoegd in boilerroom-zaak; ordemaatregelen tegen Kraken vernietigd

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 15 jul 2025, IT 5006; ECLI:NL:GHSHE:2025:2008 (Payward tegen [geïntimeerde]), https://itenrecht.nl/artikelen/nl-rechter-onbevoegd-in-boilerroom-zaak-ordemaatregelen-tegen-kraken-vernietigd

Hof 's-Hertogenbosch 15 juli 2025, IT 5006; ECLI:NL:GHSHE:2025:2008 (Payward tegen [geïntimeerde]). Een belegger raakt in een crypto-boilerroom-fraude € 193.950,11 (~86,77 ETH) kwijt. BlockFo traceert dat geld naar exchange-wallets, waarvan er twee bij Kraken (Payward-groep) zouden uitkomen; omdat onduidelijk is met welke Kraken-entiteit is gehandeld, dagvaardt de belegger Payward Ltd. en Payward Inc. De voorzieningenrechter legt voor de duur van het kort geding vergaande ordemaatregelen op: (i) bevries de in de dagvaarding genoemde wallet-adressen binnen 2 dagen, (ii) identificeer gebruikers aan de hand van opgegeven TX-hashes en bevries hun accounts, (iii) verbied voorafgaande kennisgeving aan die gebruikers, en (iv) rapporteer binnen 3 weken wanneer en wat er precies is bevroren. Bij overtreding geldt € 10.000 per overtreding + € 1.000 per dag (max. € 100.000); het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en de hoofdzaak wordt aangehouden.

IT 4999

Rechtbank wijst verzoek tot verwijdering van URL over strafrechtelijk verleden af

Rechtbank Den Haag 28 aug 2025, IT 4999; ECLI:NL:RBDHA:2025:16243 ([verzoeker] tegen Google), https://itenrecht.nl/artikelen/rechtbank-wijst-verzoek-tot-verwijdering-van-url-over-strafrechtelijk-verleden-af

Rb. Den Haag 28 augustus 2025, IEF 23043; IT 4999; ECLI:NL:RBDHA:2025:16243 ([verzoeker] tegen Google). [verzoeker] is een Nederlandse vastgoedondernemer. [verzoeker] gebruikt als voornaam zowel “[voornaam verzoeker 1]” als “[voornaam verzoeker 2]”. [verzoeker] is een aantal keer strafrechtelijk veroordeeld. Google exploiteert de zoekmachine Google Search. Gebruikers kunnen één of meer zoektermen opgeven, waarna de zoekmachine zoekresultaten weergeeft. Als in de zoekmachine een zoekopdracht met een van de voornamen van [verzoeker] wordt ingevoerd, verschijnt bij de zoekresultaten onder meer de URL die naar een artikel van 16 september 2022 in Dagblad De Limburger, genaamd: “Topman miljoenenfonds provincie steekt eigen geld in omstreden vakantiepark [vakantiepark] in [plaats 1] : gouverneur start onderzoek”. De topman is [naam 1], niet [verzoeker]. Maar, [verzoeker] wordt wel genoemd in relatie tot de topman. De moeder van [naam 1] is eigenaresse en bestuurder van dat vakantiepark. [verzoeker] heeft Google herhaaldelijk verzocht de URL naar het artikel te verwijderen. Zo ook in deze procedure. [verzoeker] beroept zich op de AVG. 

IT 4998

Ontwikkeling toeristenapp Bonaire: comparitie gelast in zaak TCB tegen Dot1

Overige instanties 27 aug 2025, IT 4998; ECLI:NL:OGEAA:2025:256 (TCB tegen Dot1), https://itenrecht.nl/artikelen/ontwikkeling-toeristenapp-bonaire-comparitie-gelast-in-zaak-tcb-tegen-dot1

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 27 augustus 2025, IT 4998; ECLI:NL:OGEAA:2025:256 (TCB tegen Dot1). TCB gaf Dot1 in oktober 2019 opdracht een toeristen-app voor Bonaire te ontwikkelen (fase 1 in circa 14 weken; totaal USD 34.980, volledig betaald). Omdat de app volgens TCB nooit ter beschikking is gesteld, ontbond zij de overeenkomst op 26 februari 2023 en vorderde terugbetaling; Dot1 stelde dat TCB steeds op de hoogte werd gehouden en (vervroegde) toegang had, terwijl de inschrijving als Apple-developer en publicatie via TCB’s eigen account cruciaal waren. De correspondentie laat langdurige vertraging zien, wél (gedeeltelijke) ontwikkeling en content-invoer in 2020, en contact tot april 2021; daarna volgden in 2022 mails en een meeting op 31 oktober 2022, maar nadien bleef een update uit. De door Dot1 genoemde e-mails van november 2022 zijn niet ontvangen vanwege een fout adres, zodat die buiten beschouwing blijven.