IT 5160
26 maart 2026
Artikel

Het big tobacco moment: uitspraak tegen Meta en Google

 
IT 5152
26 maart 2026
Artikel

Laatste plekken voor het seminar: Consumentenrecht in de Digitale Sector | 2 april 2026

 
IT 5157
26 maart 2026
Uitspraak

Prijsdifferentiatie via Google Shopping geen misleidende handelspraktijk

 
IT 5160

Artikel geschreven door Christiaan Alberdingk Thijm, Bureau Brandeis.

Het big tobacco moment: uitspraak tegen Meta en Google

Het big tobacco moment.

Zo wordt de uitspraak in Los Angeles van gistermiddag tegen Meta en Google omschreven.

Zij moeten miljoenen schadevergoeding betalen aan Lamey, een nu 20-jarige vrouw, die kampt met psychische klachten vanwege haar socialemediaverslaving.

Ook de tabaksindustrie ontkende lange tijd dat roken schadelijk was. Net als de tabaksindustrie hebben socialemediabedrijven hun platforms en apps zo ontworpen om gebruikers aan het infuus te houden.

Uit interne documenten blijkt dat Meta op de hoogte was van de gevaren. In interne communicatie zeggen Meta-medewerkers: "We zijn in wezen dealers... we veroorzaken Reward Deficit Disorder." In een YouTube-document stond: "Het doel is niet kijkers, het is verslaving van kijkers."

De uitspraak staat niet op zichzelf. Een dag eerder besliste een jury in New Mexico dat Meta 375 miljoen dollar moet betalen.

De eisers wijzen op verslavende werking van algoritmische aanbevelingen, oneindig scrollen, automatisch afspelen van video's en voortdurende dopamineshots in de vorm van likes.

Kaley bewees tegenover de jury dat zij schade heeft geleden en dat deze toerekenbaar is aan de socialemediabedrijven. Vanaf 6-jarige leeftijd begon ze YouTube te gebruiken, op 9-jarige leeftijd ging ze op Instagram. Gemiddeld bracht ze 16 uur per dag door op de app. Hierdoor kreeg ze onder meer suïcidale gevoelens en body dysmorphia.

IT 5152

Laatste plekken voor het seminar: Consumentenrecht in de Digitale Sector | 2 april 2026

De Europese Commissie werkt aan de Digital Fairness Act (DFA), een nieuwe wet die consumenten beter moet beschermen in de digitale wereld. De nieuwe wet wordt naar verwachting in 2026 door de Comissie gepresenteerd. Tegenwoordig bestellen we (bijna) alles via internet. Iedereen die dat wel eens heeft gedaan, kent de kortingsacties die gegeven worden. Van een countdown-timer tot een rad van fortuin: platforms zetten alles in om consumenten te laten klikken en kopen. De digitale wereld is voor consumenten hierdoor niet altijd overzichtelijk. Ook voor juristen is niet alles helder, vooral op de grijze gebieden. Via deceptive interface design ontstaat er een oneerlijke handelspraktijk. Wat betekent dit voor consumenten, retailers, e-tailers, platforms en influencers als dit wordt vastgesteld? 

Meer weten over de DFA en oneerlijke handelspraktijken? Kom naar ons seminar Consumentenrecht in de digitale sector op donderdag 2 april 2026. We bespreken deze onderwerpen, en meer, samen met Jeroen Schouten en Michelle Seel (Pinsent Masons) op het kantoor van Pinsent Masons in Amsterdam. Er zijn nog enkele plekken beschikbaar.

Bent u erbij? Aanmelden kan alleen deze week nog. 

IT 5157

Prijsdifferentiatie via Google Shopping geen misleidende handelspraktijk

Hoge Raad 12 sep 2025, IT 5157; ECLI:NL:PHR:2025:985 (Digital Revolution tegen Media Concept), https://itenrecht.nl/artikelen/prijsdifferentiatie-via-google-shopping-geen-misleidende-handelspraktijk

Parket bij de Hoge Raad 12 september 2025, RB 3986; IT 5157; ECLI:NL:PHR:2025:985 (Digital Revolution tegen Media Concept). De P-G gaat in deze conclusie in op de vraag of prijsverschillen tussen aanbiedingen via Google Shopping en een eigen webshop kunnen worden aangemerkt als misleidende reclame of een oneerlijke handelspraktijk in de zin van het Unierecht. Aanleiding vormt een geschil tussen concurrenten, waarin Media Concept printercartridges via Google Shopping tegen een lagere prijs en met een afnamebeperking aanbood, terwijl op de eigen website een hogere prijs gold zonder die beperking.

IT 5156

Geen AVG-rectificatie voor processtukken: hof benadrukt doel van gegevensverwerking

Gerechtshof Den Haag 24 feb 2026, IT 5156; ECLI:NL:GHARL:2026:1050 ([verzoeker] tegen Divosa), https://itenrecht.nl/artikelen/geen-avg-rectificatie-voor-processtukken-hof-benadrukt-doel-van-gegevensverwerking

Hof Den Haag 24 februari 2026, IT 5156; ECLI:NL:GHARL:2026:1050 ([verzoeker] tegen Divosa). Het hof oordeelt dat een verzoek tot rectificatie van persoonsgegevens op grond van artikel 16 AVG wordt afgewezen, omdat geen sprake is van “onjuiste” gegevens in de zin van de AVG. De betwiste persoonsgegevens waren opgenomen in processtukken en een strafrechtelijke aangifte en dienden het doel om juridische standpunten te onderbouwen respectievelijk aangifte te doen. Het hof benadrukt dat de juistheid van persoonsgegevens moet worden beoordeeld in het licht van het doel van de verwerking. Stellingen in processtukken gelden daarbij niet als onjuist, ook niet als zij later feitelijk onjuist blijken, omdat zij onderdeel zijn van het procesrechtelijke debat.

IT 5155

Hof Den Haag: zorgvuldigheid vereist bij online beschuldigingen op sociale media

Gerechtshof Den Haag 17 mrt 2026, IT 5155; ECLI:NL:GHDHA:2026:368 ([appellante] tegen [geïntimeerde]), https://itenrecht.nl/artikelen/hof-den-haag-zorgvuldigheid-vereist-bij-online-beschuldigingen-op-sociale-media

Hof Den Haag 17 maart 2026, IEF 23399; IT 5155; ECLI:NL:GHDHA:2026:368 ([appellante] tegen [geïntimeerde]). Na een kortstondige relatie plaatste [appellante] TikTok-video’s waarin zij de indruk wekte dat [geïntimeerde] zich schuldig maakte aan (seksuele) contacten met minderjarigen. [geïntimeerde] reageerde daarop in zijn YouTube-programma met beledigende en seksueel getinte uitlatingen, waaronder suggesties dat [appellante] in de porno-industrie werkzaam zou zijn. Het gerechtshof Den Haag oordeelt dat beide partijen onrechtmatig hebben gehandeld door uitlatingen over elkaar te doen via sociale media. 

IT 5154

Uitspraak ingezonden door Joris Deene, Everest.

Geen auteursrechtelijke bescherming en geen bewezen inbreuk: fotojournalist tegen UGent over online CLIM‑werkpakketten

Overige instanties 16 mrt 2026, IT 5154; 2025/AR/1342 (SCHULD Peter-Vincent tegen UNIVESITEIT GENT), https://itenrecht.nl/artikelen/geen-auteursrechtelijke-bescherming-en-geen-bewezen-inbreuk-fotojournalist-tegen-ugent-over-online-clim-werkpakketten

Hof van beroep Gent 16 maart 2026, IEF 23398, IT 5154, IEFbe 4156; 2025/AR/1342 (SCHULD Peter-Vincent tegen UNIVESITEIT GENT). Deze zaak gaat over een geschil tussen fotojournalist Peter‑Vincent Schuld, hoofdredacteur van het online tijdschrift FactsFound.news, en de Universiteit Gent (UGent) omtrent het online gebruik van 18 foto’s in twee CLIM‑werkpakketten (“Mag ik spelen?” en “Verhuizen? Wat is dat?”) die door het Steunpunt Diversiteit en Leren (vakgroep Taalkunde UGent) zijn ontwikkeld en in 2016 integraal en kosteloos online werden geplaatst. Schuld had in 2006–2007 foto’s geleverd aan de Uitgeverij De Boeck voor papieren educatieve uitgaven en verwijst naar facturen en een dading, maar bezorgt die stukken in hoger beroep niet effectief aan het hof. Vanaf 2020 stelt hij UGent herhaaldelijk in gebreke wegens “auteursrechtfraude” en dagvaardt hij in 2024 UGent voor de rechtbank van eerste aanleg Gent, met een vordering tot bescherming van zijn auteursrecht en tot vergoeding van materiële schade van 84.350 euro en morele schade van 10.000 euro. UGent betwist zowel auteurschap als rechthebbenschap, voert onder meer nietigheid van de dagvaarding, verjaring, afstand van recht/rechtsverwerking, en een exceptie van borgstelling aan en stelt dat de auteursvermogensrechten op de CLIM‑pakketten, inclusief de foto’s, bij Uitgeverij De Boeck liggen, gelet op de colofon met “© 2007 Uitgeverij De Boeck nv – Alle rechten voorbehouden”. De rechtbank verwerpt de wering‑ en ontvankelijkheidsverweren, oordeelt dat de vordering ontvankelijk maar ongegrond is omdat Schuld niet aantoont dat hij nog de vermogensrechten bezit, en legt de gerechtskosten voor vier vijfde ten laste van Schuld en voor één vijfde ten laste van UGent. Schuld stelt hoger beroep in en vraagt vernietiging van het vonnis in zoverre zijn vordering ongegrond is verklaard en veroordeling van UGent tot 94.350 euro plus proceskosten, terwijl UGent incidenteel beroep instelt en de vordering alsnog als ontoelaatbaar of minstens ongegrond wil zien afgewezen, met volledige kostenveroordeling van Schuld. In hoger beroep identificeert het hof op basis van de CLIM‑pakketten nauwkeurig de 18 betwiste foto’s, maar werpt de door Schuld op 8 december 2025 via e‑deposit neergelegde conclusie en het nieuwe stuk ambtshalve uit de debatten omdat ze, in strijd met artikel 747 §4 Ger.W. en artikel 740 Ger.W., niet tijdig aan UGent zijn overgemaakt; het hof houdt enkel rekening met de beroepsakte en de daarin opgesomde stukken, die Schuld uiteindelijk evenmin neerlegt.

IT 5153

Artikel geschreven door Fulco Blokhuis, Boekx.

Meta's AI Smartglasses

Meta's AI Smartglasses liggen gewoon bij de opticien. Je kan er mee opnemen. De beelden gaan naar Nairobi, Kenia.

'Bank details, sex and naked people who seem unaware they are being recorded' kopte het Zweedse dagblad die uitvoerig onderzoek deed.

“We see everything – from living rooms to naked bodies. Meta has that type of content in its databases. People can record themselves in the wrong way and not even know what they are recording. They are real people like you and me”. The workers describe videos where people’s bank cards are visible by mistake, and people watching porn while wearing the glasses. Clips that could trigger “enormous scandals” if they were leaked.
 

IT 5147

Negatieve recensies op social media van consument niet onrechtmatig

Rechtbank Limburg 11 sep 2024, IT 5147; ECLI:NL:RBLIM:2024:6062 (Beton Aparte tegen [gedaagde]), https://itenrecht.nl/artikelen/negatieve-recensies-op-social-media-van-consument-niet-onrechtmatig

Rb. Limburg 11 september 2024, IEF 23376; IT 5147; ECLI:NL:RBLIM:2024:6062 (Beton Aparte tegen [gedaagde]). [gedaagde] plaatste negatieve recensies op onder meer Radar, Google en Yelp over betonproducten die volgens haar gebrekkig zijn, na blaasvorming en loslatende lagen kort na toepassing. Beton Aparte (de leverancier) weigert terugbetaling en stelt dat de schade het gevolg is van onjuiste verwerking. [gedaagde] laat herstelkosten begroten op circa € 4.000 en uit daarnaast kritiek op de communicatie van het bedrijf. Beton Aparte vordert een verklaring voor recht dat sprake is van onrechtmatige uitlatingen, schadevergoeding wegens reputatie- en omzetverlies, verwijdering van recensies en rectificatie.

IT 5151

HvJ EU: bindend EDPB-besluit op grond van art. 65 AVG vatbaar voor beroep

10 feb 2026, IT 5151; ECLI:EU:C:2026:81 (WhatsApp tegen EDPB), https://itenrecht.nl/artikelen/hvj-eu-bindend-edpb-besluit-op-grond-van-art-65-avg-vatbaar-voor-beroep

HvJ EU 10 februari 2025, IT 5151, IEFbe 4146; ECLI:EU:C:2026:81 (WhatsApp tegen EDPB, Bondsrepubliek Duitsland). In dit arrest oordeelt het Hof van Justitie dat een bindend besluit van het Europees Comité voor gegevensbescherming (EDPB) op grond van artikel 65 AVG zelfstandig vatbaar kan zijn voor beroep tot nietigverklaring bij de Unierechter. Het Hof vernietigt daarmee de eerdere beschikking van het Gerecht, dat het beroep van WhatsApp niet-ontvankelijk had verklaard. De zaak vindt haar oorsprong in een onderzoek van de Ierse toezichthouder naar de naleving door WhatsApp van de transparantie- en informatieverplichtingen uit de AVG. In de samenwerking tussen de Ierse autoriteit als leidende toezichthouder en andere betrokken toezichthouders ontstond onenigheid over onderdelen van het ontwerpbesluit. Daarop werd het geschil voorgelegd aan het EDPB, dat op grond van artikel 65 AVG een bindend besluit nam. Vervolgens stelde de Ierse toezichthouder een definitief besluit vast, waarin onder meer werd geoordeeld dat WhatsApp meerdere bepalingen van de AVG had geschonden en waarin een boete van 225 miljoen euro werd opgelegd. WhatsApp had niet alleen het definitieve Ierse besluit aangevochten bij de nationale rechter, maar ook rechtstreeks bij het Gerecht beroep ingesteld tegen het bindende EDPB-besluit. Het Gerecht verklaarde dat beroep niet-ontvankelijk, omdat het EDPB-besluit slechts een voorbereidende tussenhandeling zou zijn, zonder autonome rechtsgevolgen voor WhatsApp.

IT 5150

Article written by Elgar Weijtmans and Anna Guo.

How the international legal tech community is working together to streamline AI procurement

Everyone is reinventing the wheel
Two years ago, we at HVG Law started evaluating legal AI tools. At the time, there was no framework or playbook to follow, so we built everything from scratch (I described that process in a previous post). It worked, but it took an enormous amount of time and was far from perfect. One of the most humbling takeaways was discovering just how much you don’t know when you first try to seriously assess an AI tool.

In conversations with colleagues from other firms and companies, I noticed that virtually every legal team was wrestling with the same questions. How do you assess the output of an AI? What do you ask a supplier about data processing? How do you test security? Everyone was reinventing the wheel.

Roel Schrijvers was one of the people who decided to do something about it. He built a test matrix for evaluating legal AI tools and shared it with Anna Guo at Legal Benchmarks, planting the seed for what would become a much larger initiative.