IT 5217
20 april 2026
Uitspraak

Prijswijziging Vattenfall oneerlijk; ruime wijzigingsbevoegdheid onvoldoende transparant

 
IT 5216
20 april 2026
Uitspraak

Cassatieberoep in software-auteursrechtzaak verworpen; proceskosten gematigd tot indicatietarief

 
IT 5214
20 april 2026
Uitspraak

Inzage in X onder de AVG: beperkte ruimte voor beroep op bedrijfsgeheimen

 
IT 5217

Prijswijziging Vattenfall oneerlijk; ruime wijzigingsbevoegdheid onvoldoende transparant

Rechtbank Amsterdam 10 apr 2026, IT 5217; ECLI:NL:RBAMS:2026:3660 (([eiser ] tegen VATTENFALL)), https://itenrecht.nl/artikelen/prijswijziging-vattenfall-oneerlijk-ruime-wijzigingsbevoegdheid-onvoldoende-transparant

Rb. Amsterdam 10 april 2026, IT5217, ECLI:NL:RBAMS:2026:3660 ([eiser ] tegen VATTENFALL). In deze zaak staat de vraag centraal of een prijswijzigingsbeding in de algemene voorwaarden van een energieleverancier als oneerlijk moet worden aangemerkt. De consument ([eiser]) die na afloop van een vaste contractperiode automatisch is overgezet naar een variabel contract voor onbepaalde tijd, overeenkomstig de toepasselijke productvoorwaarden. Op de overeenkomst zijn de Algemene Voorwaarden 2017 van toepassing, waarin Vattenfall een ruime bevoegdheid is toegekend om leveringstarieven gedurende de looptijd te wijzigen op basis van onder meer marktomstandigheden en kostenontwikkelingen. [eiser] vordert vernietiging van de per 1 april en 1 juli 2022 doorgevoerde prijswijzingen, stellende dat daaraan ten grondslag liggende prijswijzigingsbeding oneerlijk is. De kantonrechter leest deze vordering als mede gericht tegen het beding zelf en toetst de (on)eerlijkheid daarvan ambtshalve. Het beroep van Vattenfall op verjaring wordt verworpen. Onder verwijzing naar het arrest van het Hof van Justitie in de gevoegde zaken C-776/19–C-782/19 (BNP Paribas Personal Finance) overweegt de kantonrechter dat een vordering tot vernietiging van een oneerlijk beding niet kan verjaren. Voor eventuele restitutievorderingen geldt dat de verjaringstermijn pas aanvangt wanneer de consument bekend is met het mogelijk oneerlijke karakter van het beding. Vaststaat dat sprake is van een consumentenovereenkomst waarin gebruik wordt gemaakt van niet-onderhandelde algemene voorwaarden, zodat Richtlijn 93/13/EG van toepassing is. Het verweer dat het prijswijzigingsbeding een kernbeding betreft, faalt. Hoewel het beding grammaticaal begrijpelijk is, is het inhoudelijk zodanig ruim geformuleerd dat de consument geen reële inschatting kan maken van de economische gevolgen. Daarmee wordt niet voldaan aan de transparantie-eis, zodat toetsing aan de Richtlijn openstaat.

IT 5216

Cassatieberoep in software-auteursrechtzaak verworpen; proceskosten gematigd tot indicatietarief

Hoge Raad 17 apr 2026, IT 5216; ECLI:NL:HR:2026:668 (Payingit c.s. tegen Workrate), https://itenrecht.nl/artikelen/cassatieberoep-in-software-auteursrechtzaak-verworpen-proceskosten-gematigd-tot-indicatietarief

HR 17 april 2026, IEF 23485; IT 5216; ECLI:NL:HR:2026:668 (Payingit c.s. tegen Workrate). De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van Payingit c.s. in een geschil met Workrate over de omvang van de overdracht van auteursrechten op software en de bevoegdheid van de verkoper, die tevens licentienemer was, om exploitatiehandelingen te verrichten. Het arrest zelf bevat slechts een beperkte inhoudelijke motivering. De Hoge Raad vermeldt expliciet dat onderdeel 1.5 van het cassatiemiddel klaagt over schending van het Unierecht, in het bijzonder artikel 5, lid 5, van richtlijn 2001/29/EG (Auteursrechtrichtlijn), maar oordeelt dat die klacht niet tot cassatie kan leiden op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.32 en 3.34. De overige klachten worden verworpen met toepassing van artikel 81, lid 1, RO, zodat de Hoge Raad niet motiveert waarom zij falen, omdat beantwoording daarvan niet nodig is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Het arrest is daarom vooral van belang als bevestiging van de uitkomst in hoger beroep, en niet wegens een uitgebreid inhoudelijk oordeel van de Hoge Raad over de auteursrechtelijke hoofdvragen.

IT 5214

Inzage in X onder de AVG: beperkte ruimte voor beroep op bedrijfsgeheimen

Hof 14 apr 2026, IT 5214; ECLI:NL:GHAMS:2026:961 ((X International Unlimited Company tegen [geïntimeerde])), https://itenrecht.nl/artikelen/inzage-in-x-onder-de-avg-beperkte-ruimte-voor-beroep-op-bedrijfsgeheimen

Hof Amsterdam 14 april 2026, IEF23484, ECLI:NL:GHAMS:2026:961(X International Unlimited Company tegen [geïntimeerde]). In deze zaak staat de reikwijdte van het inzagerecht van artikel 15 AVG centraal in de context van interne moderatie- en logsysteemgegevens van X (voorheen Twitter). [geïntimeerde], een gebruiker van het platform X, werd in oktober 2023 geconfronteerd met een tijdelijke beperking van zijn account naar aanleiding van een tweet waarin het woord “kinderporno” voorkwam met een link naar een NOS-artikel. Deze beperking bleek achteraf onterecht en werd door X opgeheven zonder dat de verzoeker daarvan op de hoogte werd gesteld. Als reactie hierop heeft de [geïntimeerde] een inzageverzoek ingediend op grond van artikel 15 AVG. Daarbij vroeg hij onder meer om toegang tot interne registraties van het platform, waaronder het systeem dat binnen X bekend staat als [Y] (ook aangeduid als “Guano Notes”), waarin moderatiehandelingen, labels en andere account gerelateerde acties worden vastgelegd. De Rechtbank Amsterdam wees dit verzoek grotendeels toe en verplichtte X tot volledige inzage, op straffe van een doorlopende dwangsom. In hoger beroep lagen echter nog slechts twee geschilpunten voor: de vraag of ook inzage moest worden verleend in de [Y]/Guano Notes en de vraag of de opgelegde dwangsommen moesten worden gemaximeerd dan wel verhoogd. X kwam in dat kader op tegen het vonnis en beriep zich op de bescherming van bedrijfsgeheimen en de rechten en vrijheden van derden als grond om de inzage te beperken. Het gerechtshof stelt voorop dat gegevens die zijn opgenomen in interne systemen zoals [Y], voor zover zij betrekking hebben op handelingen rond het account van de betrokkene, moeten worden aangemerkt als persoonsgegevens in de zin van de AVG. Dit betekent dat zij in beginsel onder het bereik van het inzagerecht vallen. Daarmee sluit het hof aan bij de lijn van het C-487/21 (FF/CRIF), waarin is benadrukt dat het inzagerecht ertoe strekt de betrokkene in staat te stellen de rechtmatigheid van de verwerking daadwerkelijk te controleren. Tegelijkertijd onderkent het hof dat het inzagerecht niet absoluut is. Op grond van artikel 15 lid 4 AVG, gelezen in samenhang met artikel 23 AVG en artikel 41 UAVG, kan de verstrekking van gegevens worden beperkt ter bescherming van onder meer de rechten en vrijheden van anderen, waaronder bedrijfsgeheimen. In dat verband verwijst het hof mede naar de rechtspraak van het C-203/22 (Dun & Bradstreet Austria), waarin is benadrukt dat een dergelijke beperking steeds het resultaat moet zijn van een concrete en zorgvuldige belangenafweging.

IT 5213

Offline streaming copy valt niet onder de thuiskopie-exceptie

HvJ EU 16 apr 2026, IT 5213; ECLI:EU:C:2026:296 (Stichting Onderhandelingen Thuiskopievergoeding, Stichting de Thuiskopie tegen HP Nederland BV, Dell BV, Stichting Overlegorgaan Blanco Informatiedragers), https://itenrecht.nl/artikelen/offline-streaming-copy-valt-niet-onder-de-thuiskopie-exceptie

HvJ EU 16 april 2026, IEF 23483; IT 5213; ECLI:EU:C:2026:296 (Stichting Onderhandelingen Thuiskopievergoeding, Stichting de Thuiskopie tegen HP Nederland BV, Dell BV, Stichting Overlegorgaan Blanco Informatiedragers). In C-496/24 oordeelt het Hof dat een offline streaming copy die door de aanbieder van een streamingdienst op verzoek van de gebruiker op diens apparaat wordt geplaatst, niet onder de uitzondering voor kopieën voor privégebruik van artikel 5, lid 2, onder b, van richtlijn 2001/29 valt, wanneer de gebruiker technisch niet buiten die dienst om over die kopie kan beschikken en de rechthebbende de controle over het werk behoudt. Het Hof stelt eerst vast dat artikel 5, lid 5, van de richtlijn de materiële inhoud van de uitzondering niet bepaalt of uitbreidt, maar alleen de voorwaarden preciseert waaronder een reeds bestaande beperking of restrictie mag worden toegepast; daarom herformuleert het de prejudiciële vragen zo dat uitsluitend de uitlegging van artikel 5, lid 2, onder b, centraal staat. Vervolgens benadrukt het Hof dat deze uitzondering alleen betrekking heeft op reproductiehandelingen in de zin van artikel 2 en niet op handelingen die in wezen onder het recht van mededeling aan het publiek, met inbegrip van beschikbaarstelling voor het publiek, van artikel 3, lid 1, vallen. In de door de Hoge Raad beschreven situatie selecteert de gebruiker weliswaar het werk, maar de streamingaanbieder plaatst dat werk op een afgeschermd deel van het apparaat, bepaalt de encryptie, houdt het uitsluitend binnen de app toegankelijk en verhindert dat de gebruiker de kopie verplaatst, overdraagt of anderszins vrij gebruikt; bovendien kan de toegang worden geblokkeerd of de kopie worden verwijderd. Onder voorbehoud van verificatie door de verwijzende rechter moet een dergelijke handeling daarom worden aangemerkt als een vorm van beschikbaarstelling voor het publiek, zodat zij niet onder de thuiskopie-exceptie valt.

IT 5212

Kantonrechter: ook het onbewust gebruik van een foto levert auteursrechtinbreuk op

Rechtbank Overijssel 3 apr 2026, IT 5212; ECLI:NL:RBOVE:2026:2019 (([eiser] tegen WOOD & STONES)), https://itenrecht.nl/artikelen/kantonrechter-ook-het-onbewust-gebruik-van-een-foto-levert-auteursrechtinbreuk-op

Rb. Overrijsel 3 april 2026, IEF23482; ECLI:NL:RBOVE:2026:2019 ([eiser] tegen WOOD & STONES). In deze zaak veroordeelt de kantonrechter Wood & Stones B.V. tot betaling van schadevergoeding aan een professioneel fotograaf wegens het zonder toestemming en zonder naamsvermelding gebruiken van een foto op haar website. De kantonrechter stelt voorop dat de betreffende foto een auteursrechtelijk beschermd werk is en dat de fotograaf als maker rechthebbende is. Vaststaat dat Wood & Stones de foto zonder toestemming heeft gebruikt én zonder naamsvermelding heeft gepubliceerd; daarom is er sprake van auteursrechtinbreuk, met daarnaast recht op aanvullende vergoeding wegens het ontbreken van naamsvermelding. Het verweer dat de foto via een klant is verkregen en dat er geen sprake was van opzet, wordt verworpen: ook gebruik ter goeder trouw kan een inbreuk van het auteursrecht opleveren.

IT 5215

Rb. Amsterdam: geen belang meer bij voorlopige voorziening na verwijdering persoonsgegevens

Rechtbank Amsterdam , IT 5215; ECLI:NL:RBAMS:2026:3245 (([eiser 1] tegen de [verweerders en gedaagden])), https://itenrecht.nl/artikelen/rb-amsterdam-geen-belang-meer-bij-voorlopige-voorziening-na-verwijdering-persoonsgegevens

Rb. Amsterdam 1 april 2026, IT5215; ECLI:NL:RBAMS:2026:3245 ([eiser 1] tegen de [verweerders en gedaagden]). In deze zaak heeft [eiser] in een lopende bodemprocedure een incidentele vordering ex artikel 223 Rv ingesteld tegen een dorpsraad/vereniging en haar voorzitter. [eiser] verkreeg in 2020 een bouwkavel binnen het dorpsraad-gebied, waarop in 2022–2025 een woning is gerealiseerd. De dorpsraad volgde de bouw kritisch, correspondeerde daarover met de gemeente en publiceerde berichten op haar website. In de hoofdzaak vordert [eiser] onder meer rectificatie, verwijdering van zijn adres uit online publicaties, het verwijderen van kwalificaties als “illegaal/illegale” en immateriële schadevergoeding in het incident vordert [eiser] primair verwijdering van zijn naam en adres uit online gepubliceerde notulen van een vergadering van 12 januari 2026, en subsidiair verwijdering van alleen zijn naam. Volgens hem is de verwerking van deze persoonsgegevens in strijd met artikel 6 AVG en daarmee onrechtmatig.

IT 5208

Gebrekkige bestelknop leidt tot vernietiging energiecontract, maar wel recht op gedeeltelijke vergoeding door schuld aan identiteitsfraude

Rechtbank Rotterdam 13 mrt 2026, IT 5208; ECLI:NL:RBROT:2026:2641 (Innova tegen [gedaagde]), https://itenrecht.nl/artikelen/gebrekkige-bestelknop-leidt-tot-vernietiging-energiecontract-maar-wel-recht-op-gedeeltelijke-vergoeding-door-schuld-aan-identiteitsfraude

Rb. Rotterdam 13 maart 2026, RB 3999; IT 5208; ECLI:NL:RBROT:2026:2641 (Innova tegen [gedaagde]). De kantonrechter van de Rechtbank Rotterdam heeft geoordeeld dat een via internet gesloten energieovereenkomst vernietigbaar is wegens een ondeugdelijke bestelknop, maar dat de energieleverancier wel recht heeft op een gedeeltelijke vergoeding voor de geleverde energie. De zaak draaide om een overeenkomst tussen Innova Energie en [gedaagde], een consument, die betwistte dat hij de overeenkomst had gesloten en stelde dat sprake was van identiteitsfraude. De kantonrechter verwerpt dit verweer. Voor zover sprake is van identiteitsfraude, komt deze onder de gegeven omstandigheden voor rekening van de consument, nu hij onvoldoende zorgvuldig met zijn persoonsgegevens en bankgegevens is omgegaan.

IT 5207

ACM mocht handhavingsverzoek Warmtewet afwijzen wegens ontbreken rendementstoets 2022

Rechtbank Rotterdam 27 mrt 2026, IT 5207; ECLI:NL:RBROT:2026:3315 ([eisers] tegen de ACM), https://itenrecht.nl/artikelen/acm-mocht-handhavingsverzoek-warmtewet-afwijzen-wegens-ontbreken-rendementstoets-2022

Rb. Rotterdam 27 maart 2026, IT 5207; ECLI:NL:RBROT:2026:3315 ([eisers] tegen de ACM). De Rechtbank Rotterdam heeft geoordeeld dat de ACM een handhavingsverzoek tegen Eneco Warmte en Koude Leveringsbedrijf (EWK) terecht heeft afgewezen voor het jaar 2022. [eisers] stelden dat zij te veel hadden betaald voor warmte en verzochten de ACM om op grond van artikel 7 Warmtewet een rendementstoets uit te voeren en handhavend op te treden tegen EWK. Volgens hen behaalde EWK een hoger dan redelijk rendement. De ACM wees dit verzoek af, omdat voor 2022 nog geen maatstaf voor een “redelijk rendement” bestond.

IT 5211

Article written by Maurits Westerik, Coupry Lawyers & TU Delft.

The Logo Trap: OnlyOffice's AGPLv3 gambit and what it means for free and open-source compliance

If you are active in the field of IT law or software development, chances are you will be familiar with open source licensing, and specifically the General Public License (GPL) in its various iterations, GPLv1, GPLv2 and GPLv3, as well as closely-related licenses based on them, like the AGPL. It is one of the most ‘copyleft’ licenses in Free (as in Freedom, also clarified with th addition of ‘Libre’) Open Source Software, or F(L)OSS community. It is a wonderful legal document – yes, that is a thing: open source is a legal construct at heart, and brilliant one at that – and someone just tried to hack it...

IT 5209

AP vraagt input op handhavingsbeleid

Om duidelijkheid te geven over de inzet van handhavingsinstrumenten, heeft de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) een concepthandhavingsbeleid opgesteld. De AP nodigt alle experts, belanghebbenden en geïnteresseerden uit om hierop te reageren (uiterlijk 17 mei 2026). De reacties gebruikt de AP om het conceptbeleid waar nodig te verbeteren en verduidelijken. Dit kan via deze website.