Korpschef motiveert gedeeltelijke weigering van inzage in politiegegevens onvoldoende
Rb. Midden-Nederland 11 mei 2026, IT 5424; ECLI:NL:RBMNE:2026:4326 (eisers tegen korpschef van politie). Twee eisers verzochten de korpschef op grond van de Wet politiegegevens om inzage in de politiegegevens die over hen worden verwerkt. De korpschef wees de inzageverzoeken bij besluiten van 11 juli 2025 gedeeltelijk af. Hij beriep zich daarbij op art. 27 lid 1 Wpg: het vermijden van belemmering van gerechtelijke onderzoeken of procedures (onder a), het vermijden van nadelige gevolgen voor de voorkoming, opsporing, het onderzoek en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen (onder b), de bescherming van de rechten en vrijheden van derden (onder d) en de bescherming van de nationale veiligheid (onder e). Omdat eisers de toepassing van de d-grond niet bestreden, beoordeelt de rechtbank alleen de gronden onder a, b en e. Volgens art. 27 lid 2 Wpg moet een gehele of gedeeltelijke afwijzing schriftelijk worden gemotiveerd. Daaraan heeft de korpschef niet voldaan: de motivering kwam volgens de rechtbank in wezen neer op een herhaling van de wettelijke weigeringsgronden en maakte niet duidelijk waarom gedeeltelijke weigering in dit concrete geval noodzakelijk was. Ook de brieven die bij de vertrouwelijke stukken waren gevoegd, boden daarvoor onvoldoende concrete motivering. Daarnaast had de korpschef geen kenbare en toetsbare belangenafweging gemaakt waaruit bleek waarom het belang bij weigering zwaarder woog dan het belang van eisers bij inzage.
Volg deLex op LinkedIn
Volg onze LinkedIn-pagina’s om volledig op de hoogte te blijven van alles wat binnen ons vakgebied én bij onze activiteiten speelt.
Via de LinkedIn-pagina Uitgeverij deLex blijft u op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van IE-, IT- en privacyrecht. Via deze pagina ontvangt u vakinhoudelijke updates over onder meer IE-, IT-, privacy- en mediarecht, inclusief nieuws rond publicaties, jurisprudentie en relevante ontwikkelingen voor de praktijk.
Via de LinkedIn-pagina IE-Forum volgt u actuele ontwikkelingen binnen het intellectuele-eigendomsrecht, waaronder rechtspraak, wetgeving, beleidsontwikkelingen en relevante signaleringen uit de IE-praktijk. Daarnaast vindt u hier bijdragen, nieuwsberichten en updates die van direct belang zijn voor professionals die het IE-recht op de voet volgen.
Op de LinkedIn-pagina deLex Media informeren wij u over nieuwe en actuele cursussen en congressen, recente en aankomende publicaties, en overige vakinhoudelijke activiteiten die voor uw praktijk van belang kunnen zijn. Daarnaast bieden wij een professioneel overzicht van onze evenementen en initiatieven, met tijdige aankondigingen zodat u relevante opleidings- en netwerkgelegenheden niet mist.
Bezoek onze pagina’s en kies voor ‘Volgen’ om onze berichten rechtstreeks in uw tijdlijn te ontvangen en onderdeel te worden van ons netwerk.
Voorzieningenrechter verbiedt fake Google-recensies en beschuldigingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag
Rb. Amsterdam 8 oktober 2020, IT 5423; ECLI:NL:RBAMS:2020:4894 ([eiseres] tegen [gedaagde 1] en [gedaagde 2]). Eiseres exploiteert een praktijk voor colonhydrotherapie en kreeg in maart 2020 een relatie met een man die zij eerder als cliënt had behandeld. Nadat diens echtgenote achter de relatie kwam en de man de relatie beëindigde, dienden gedaagden klachten tegen eiseres in bij de BATC en de IGJ. In juni en juli 2020 verschenen vervolgens negen negatieve éénsterrenrecensies over haar praktijk op Google. Gedaagden erkenden dat één recensie van de echtgenote afkomstig was en stelden dat de overige recensies door familie en vrienden waren geplaatst. De voorzieningenrechter acht van belang dat deze familieleden en vrienden zelf niet bij eiseres onder behandeling waren geweest en kwalificeert de recensies daarom als fake-recensies. Als gedaagden de overige recensies niet zelf hebben geplaatst, hebben zij er volgens de voorzieningenrechter in ieder geval de hand in gehad dat familie en vrienden deze ongeveer gelijktijdig plaatsten en later in twee tranches weer verwijderden. Daarmee hadden zij voldoende regie over de recensies om hun te kunnen gebieden dergelijke uitingen in de toekomst achterwege te laten. De voorzieningenrechter acht bovendien voldoende aannemelijk dat gedaagden eerder bij de praktijk van eiseres waren verschenen, waarbij was gedreigd haar praktijk via internet “helemaal kapot” te maken, en dat de man later onder valse voorwendselen opnieuw bij haar praktijk verscheen om haar te bewegen het kort geding in te trekken.
CWO en HISWA maken onrechtmatig gebruik van software en databank door KNWV onvoldoende aannemelijk
Rb. Midden-Nederland 30 juni 2026, IEF 23744; IT 5430; ECLI:NL:RBMNE:2026:4185 (CWO en Hiswa tegen KNWV en [handelsnaam]). CWO, HISWA en KNWV werkten jarenlang samen aan een uniform systeem voor watersportopleidingen en -diploma’s. Nadat binnen CWO een impasse was ontstaan, beëindigde KNWV in 2025 de samenwerking en bracht zij haar opleidingen onder bij de Watersport Academy, waarbij gebruik werd gemaakt van de door NWD ontwikkelde diplomalijn. CWO en HISWA stelden dat KNWV en de ontwikkelaar [handelsnaam] daarbij onrechtmatig handelden, onder meer door gebruik te maken van het voor CWO ontwikkelde softwareprogramma en de CWO-database. Zij beriepen zich op een exclusief gebruiksrecht en een non-concurrentiebeding uit overeenkomsten met [handelsnaam]. De voorzieningenrechter acht echter onvoldoende aannemelijk dat die bedingen daadwerkelijk tussen partijen zijn overeengekomen. De overgelegde overeenkomsten waren concepten, waren niet ondertekend en uit latere correspondentie bleek dat partijen daarover nog onderhandelden. CWO en HISWA kunnen nakoming daarvan daarom niet afdwingen. Ook het beroep op het databankenrecht leidt niet tot een verbod. KNWV betwistte niet dat zij de CWO-database eenmalig had gekopieerd, maar voor een verboden opvraging of hergebruik is volgens de voorzieningenrechter van belang of daardoor schade kan ontstaan aan de investering van de producent in de databank. CWO en HISWA maakten onvoldoende aannemelijk dat deze eenmalige kopie hun financiële terugverdiencapaciteit aantastte. Daardoor kan in het midden blijven of sprake is van een beschermde databank en of KNWV, gelet op haar investering van € 150.000, daarvan mogelijk medeproducent is.
Mr. S.K. Martens Academie 2026/2027
Belangstellenden kunnen zich nu aanmelden voor de volgende editie van de Mr. S.K. Martens Academie. Deze officiële specialisatieopleiding intellectueel eigendoms- en procesrecht is bedoeld voor advocaten, rechters en (bedrijfs)juristen die hun juridische kennis en praktische vaardigheden verder willen verdiepen. De opleiding bestaat uit acht masterclasses en vier live online sessies en start naar waarschijnlijkheid in het najaar 2026.
De nadruk ligt op de praktische bescherming en handhaving van intellectuele eigendomsrechten. Deelnemers werken in kleine groepen met actuele jurisprudentie, recente praktijkvoorbeelden en concrete businesscases. Ook de invloed van AI op de rechtspraktijk maakt deel uit van het programma. De hoofddocenten zijn Marijn Kingma, Peter Teunissen en Jorn Torenbosch.
Na succesvolle afronding van het mondelinge examen ontvangen deelnemers een certificaat in het intellectueel eigendoms- en procesrecht. De opleiding levert 54 tot 60 PO-punten op. Daarnaast krijgen deelnemers toegang tot het alumninetwerk en gedurende één jaar kosteloos toegang tot verschillende IE-publicaties en databanken van deLex, zoals AI-Forum, Auteursrecht, BMM Bulletin, Berichten Industriële Eigendom en Mediaforum.
Aanmelden of een offerte op maat aanvragen kan via info@delex.nl.
Schadeclaim na cryptoverlies strandt omdat contractspartij Green Sky niet is gedagvaard
Rb. Den Haag 8 juli 2026, IT 5422; ECLI:NL:RBDHA:2026:19080 ([eiser] tegen gedaagden). Eiser opende twee Bybit-accounts en sloot op 29 december 2024 een Software as a Service Agreement met Green Sky Capital SRL, een vennootschap naar Costa Ricaans recht. Op grond van die overeenkomst werd software voor algoritmische cryptohandel gebruikt die via API-keys met de handelsaccounts van eiser was verbonden. Eiser stortte 5 Bitcoin en ontving na beëindiging van de dienstverlening 4,35992294 Bitcoin terug. Hij vorderde vervolgens van Oxido, gelieerde vennootschappen en bestuurders vergoeding van 0,64007706 Bitcoin, door hem begroot op € 60.272,77. Volgens eiser was feitelijk sprake van vergunningplichtig individueel vermogensbeheer, was de SaaS-overeenkomst nietig of vernietigbaar wegens strijd met de Wft, dwaling en oneerlijke handelspraktijken en hadden Oxido en haar bestuurders onrechtmatig gehandeld.
SaaS-overeenkomst niet rechtsgeldig vernietigd, ontbonden of opgezegd na vastgelopen softwareproject
Rb. Amsterdam 4 maart 2026, IT 5425; ECLI:NL:RBAMS:2026:7528 (RB tegen [gedaagde]). RB B.V., een parfumonderneming, sloot met [gedaagde] B.V. een overeenkomst voor minimaal twaalf maanden. Hoewel de overeenkomst was aangeduid als een SaaS Agreement, ging het volgens de rechtbank om een combinatie van het beschikbaar stellen van een bestaand SaaS-platform en het ontwikkelen van maatwerkapplicaties, waaronder een website, marketplace, metaverse, NFT-designs en tokenoplossingen. RB zou daarvoor € 9.990 exclusief btw per maand betalen. De samenwerking liep na ongeveer vijf maanden vast. RB stopte uiteindelijk met betalen en stelde dat zij de overeenkomst wegens bedrog en dwaling kon vernietigen. De rechtbank volgt dat niet. De gedragingen waarop RB haar beroep op bedrog grotendeels baseerde, hadden plaatsgevonden ná het sluiten van de overeenkomst en konden haar dus niet tot het aangaan daarvan hebben bewogen. Ook het beroep op vermeende nepreviews slaagt niet, omdat de reviews onder de eigen namen van de oprichters en bestuurders van [gedaagde] waren geplaatst en RB wist wie zij waren. Van dwaling is evenmin sprake. Latere interne WhatsApp-berichten, waarin onder meer over het “maximaal melken” van maandelijkse inkomsten werd gesproken, tonen volgens de rechtbank niet aan dat [gedaagde] bij het sluiten van de overeenkomst al die intentie had. Ook is niet gebleken dat [gedaagde] destijds onvoldoende expertise had om het project uit te voeren. De overeenkomst is daarom niet rechtsgeldig wegens bedrog of dwaling vernietigd.
Booking moet inzicht geven in eerdere kennis van onjuiste locatiegegevens bij accommodatie
Rb. Amsterdam 10 juli 2026, RB 4069; ECLI:NL:RBAMS:2026:7389 ([verzoeker] tegen Booking). Via Booking.com werd voor € 2.540 een accommodatie in Griekenland geboekt. In de advertentie stond dat de accommodatie op slechts enkele tientallen meters van Komi Beach lag en op de kaart werd zij direct aan zee weergegeven. Bij aankomst bleek de accommodatie volgens de boekers op aanzienlijke afstand van het strand en in een afgelegen gebied te liggen. Na annulering werd slechts € 132 terugbetaald. De aanspraken van de boeker en de betaler zijn vervolgens gecedeerd aan de verzoeker, die in de Europese procedure voor geringe vorderingen betaling van het resterende bedrag van € 2.408 vordert. Hij stelt dat de advertentie misleidend was en beroept zich op een oneerlijke handelspraktijk, dwaling en non-conformiteit. De kantonrechter acht de Nederlandse rechter bevoegd omdat Booking in Amsterdam is gevestigd. Op grond van de rechtskeuze in de algemene voorwaarden is Nederlands recht van toepassing, zonder dat de consument de bescherming verliest die hij aan dwingend Spaans recht ontleent.
Gebruik van ChatGPT kan vertrouwelijkheid van verschoningsgerechtigde informatie doorbreken
Rb. Rotterdam 12 juni 2026, IT 5421; ECLI:NL:RBROT:2026:9319 (rechter-commissaris tegen [verdachte]). In een strafrechtelijk onderzoek waren meerdere digitale gegevensdragers in beslag genomen. Omdat daarop mogelijk informatie stond die onder het verschoningsrecht viel, liet de rechter-commissaris de gegevens voorafgaand aan vrijgave aan het onderzoeksteam filteren. Tijdens die controle werd een ChatGPT-gesprek aangetroffen waarin de beslagene via een prompt een reactie liet opstellen die kennelijk was bestemd voor een verschoningsgerechtigde. In de door ChatGPT gegenereerde tekst werd ook de naam van een verschoningsgerechtigde genoemd. De rechter-commissaris stelt voorop dat aan het verschoningsrecht het belang ten grondslag ligt dat iemand zich vrijelijk en zonder vrees voor openbaarmaking van vertrouwelijke informatie tot bepaalde beroepsbeoefenaren moet kunnen wenden voor bijstand en advies.
Voorbereiding op de Cyberbeveiligingswet: wat kan je nu al doen?
De NIS2-richtlijn introduceert een uniform Europees kader voor cyberbeveiliging in 18 kritieke sectoren. Lidstaten worden daarbij verplicht om nationale cyberbeveiligingsstrategieën vast te stellen en intensiever samen te werken binnen de EU, met name bij grensoverschrijdende incidentrespons en handhaving.
Cyberbeveiliging ziet op de bescherming van netwerk- en informatiesystemen, hun gebruikers en andere betrokkenen tegen cyberdreigingen en incidenten. Met Richtlijn 2022/2555 (NIS2) heeft de Europese wetgever de eerdere NIS1-richtlijn vervangen, als reactie op de toegenomen digitale kwetsbaarheid binnen Europa. NIS2 verhoogt het ambitieniveau door een breder toepassingsbereik, duidelijkere verplichtingen en versterkte toezicht- en handhavingsmechanismen. Lidstaten dienen hun capaciteiten te versterken en entiteiten in meer sectoren te onderwerpen aan risicobeheersmaatregelen, meldplichten en regels voor samenwerking en informatie-uitwisseling, aldus de Europese Commissie.



























