IT 4581
11 juli 2024
Uitspraak

Journalistieke vrijheid van Mediahuis moet deels wijken voor de belangen van Pronkjewail

 
IT 4578
10 juli 2024
Uitspraak

Vraag of er een exclusiviteitsbeding is overeengekomen niet kan worden beantwoord in een kort geding

 
IT 4579
8 juli 2024
Uitspraak

Negatieve uitlatingen tegenover minister op Curaçao op Facebook

 
IT 4530

Gemeente Tilburg dient blokkade SVB-platform op te heffen

Rechtbank 28 jul 2020, IT 4530; ECLI:NL:RBZWB:2020:3596 (Blue-Care tegen Gemeente Tilburg), https://itenrecht.nl/artikelen/gemeente-tilburg-dient-blokkade-svb-platform-op-te-heffen

Rb. Zeeland-West Brabant 28 juli 2020, IT 4530; ECLI:NL:RBZWB:2020:3596 (Blue-Care tegen Gemeente Tilburg). Blue-Care is een zorgaanbieder en biedt jongeren begeleiding. Gemeente Tilburg is op grond van de WMO 2015 en de Jeugdwet belast met het toezicht op de naleving van de hierin opgenomen wettelijke voorschriften en de daarmee verband houdende regelingen. Onderzoeken van de gemeente hebben geleid tot de conclusie dat de doelmatigheid, rechtmatigheid en kwaliteit van de begeleiding die door Blue-Care wordt geboden onvoldoende zijn. Cliënten is meegedeeld dat niet langer hun persoonsgebonden budget (pgb) bij zorgaanbieder Blue-Care mogen verzilveren en dat de ten onrechte verstrekte pgb-gelden in het kader van Wmo 2015 en Jeugdwet gedurende de periode 1 januari 2016 tot 18 februari 2020 worden teruggevorderd. Blue-Care heeft bij brief van 10 juli 2020 bezwaar gemaakt tegen deze terugvordering en grondt dit op onrechtmatige daad. De gemeente heeft tevens de declaratiemogelijkheid bij de Sociale Verzekeringsbank (hierna: SVB) is geblokkeerd, waar Blue-Care eveneens tegenop komt met de stelling dat dit onrechtmatig is. De rechtbank stelt vast dat pas op 20 februari 2020 de zorgovereenkomsten worden afgekeurd. Gemeente Tilburg kan daarom de betaling van de tot 1 maart 2020 verleende zorg niet tegenhouden met het argument dat Blue-Care toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen. De rapporten waarop de gemeente zich beroept zien bovendien niet specifiek op de zorg waarop de onderhavige declaraties betrekking hebben. Dit maakt dat de stelling dat Blue-Care geen zorg zou bieden aan haar budgethouders niet voldoende onderbouwd is. De vordering van Blue-Care wordt toegewezen; de blokkade op het SVB-platform dient ongedaan gemaakt te worden.

IT 4529

Eer en goede naam directeur wordt geschonden door valse beschuldigingen

Hof 9 apr 2024, IT 4529; ECLI:NL:GHAMS:2024:862 (Appellanten tegen geïntimeerde), https://itenrecht.nl/artikelen/eer-en-goede-naam-directeur-wordt-geschonden-door-valse-beschuldigingen

Hof Amsterdam 9 april 2024, IT 4529; ECLI:NL:GHAMS:2024:862 (Appellanten tegen geïntimeerde). Het geschil heeft betrekking op de beschuldigingen aan het adres van geïntimeerde en via Dutch Solar Systems B.V. (hierna: DSS). Deze beschuldigingen bestonden uit (onjuiste) informatie die de goede naam en reputatie van geïntimeerde aantasten. Appellant meent dat geïntimeerde bij DSS – waar geïntimeerde directeur bij is geweest – heeft gefraudeerd, miljoenen euro’s heeft weggesluisd naar Gambia en de oorzaak geweest zou zijn van een FIOD-inval bij Strukton, het bedrijf van appellant. Bij vonnis van 25 juni 2019 heeft de voorzieningenrechter bij de rechtbank Overijssel appellant veroordeeld tot plaatsing van een rectificatie. Appellant is echter ook daarna in het openbaar blijven verklaren dat geïntimeerde de FIOD-inval heeft veroorzaakt. De voorzieningenrechter heeft vervolgens bij vonnis van 2 augustus 2019 geoordeeld dat appellant het maximale bedrag aan dwangsommen (€ 200.000,-) had verbeurd, en heeft de dwangsom verhoogd. Appellant komt in hoger beroep hiertegen op. Het hof sluit zich aan bij de voorzieningenrechter en oordeelt aan de hand van een belangenafweging dat het verspreiden van privécommunicatie en gegevens als onrechtmatig beschouwd moet worden. Uit het feitenmateriaal blijkt immers voldoende dat appellant de werk e-mailaccounts van geïntimeerde heeft doorzocht en het onrechtmatige gebruik van haar privé gegevens heeft gefaciliteerd door aan mogelijk belastende e-mails ter beschikking te stellen. Het hof ziet genoeg aaneleidng het maxium van de te verbeuren dwangsommen te verhogen van € 500.000,- tot € 750.000,-.

IT 4528

Vordering die strekt tot uitvoering van samenwerkingsovereenkomst afgewezen

Rechtbank 26 feb 2024, IT 4528; ECLI:NL:RBMNE:2024:1923 (Eiseres tegen gedaagde), https://itenrecht.nl/artikelen/vordering-die-strekt-tot-uitvoering-van-samenwerkingsovereenkomst-afgewezen

Rb. Midden-Nederland 26 februari 2024, IT 4528; ECLI:NL:RBMNE:2024:1923 (Eiseres tegen gedaagde). Eiseres en gedaagde bieden softwareproducten aan voor de GGZ-markt. Partijen zijn een samenwerkingsovereenkomst aangegaan die eruit bestaat dat gedaagde overeenkomsten sluit met revalidatiecentra en binnen het softwarepakket dat zij aanbiedt, naast haar eigen softwareproducten, de specifiek op de revalidatiemarkt gerichte software van eiseres laat leveren en implementeren. Op 11 oktober 2023 heeft gedaagde de samenwerking met eiseres beëindigd. Volgens eiseres op onterechte gronden. Zij vordert daarom in dit kort geding primair nakoming van de overeenkomst en dat zij in staat gesteld wordt om haar software voor het project te implementeren.

IT 4520

Betrokkene maakt geen misbruik van recht op inzage

Hof 19 mrt 2024, IT 4520; ECLI:NL:GHARL:2024:1924 (Appellant tegen KPMG), https://itenrecht.nl/artikelen/betrokkene-maakt-geen-misbruik-van-recht-op-inzage

Hof Arnhem-Leeuwarden 19 maart 2024, IT&R 4520; ECLI:NL:GHARL:2024:1924 (Appellant tegen KPMG). Van 15 juni 2004 tot 1 augustus 2011 was betrokkene werkzaam als ambtenaar bij de gemeente. KPMG heeft in opdracht van de gemeente in de periode 2012 en 2015 een tweetal onderzoeken uitgevoerd naar mogelijke onregelmatigheden in relatie tot verzoeker en aan hem gelieerde personen. Betrokkene heeft KPMG verzocht om een overzicht te sturen van de verwerkte persoonsgegevens. KPMG heeft dit overzicht gestuurd, maar betrokkene heeft KPMG medegedeeld dat het overzicht onvolledig is. De rechtbank heeft het verzoek KPMG te bevelen een volledig overzicht van de persoonsgegevens te verstrekken afgewezen, omdat betrokkene misbruik maakt van zijn recht op inzage [zie IT 4103]. Betrokkene gaat in hoger beroep.

IT 4507

Laatste kans om aan te melden: Actualiteiten Privacyrecht | dinsdag 16 april 2024

Wilt u binnen twee uur weer helemaal bijgepraat zijn over alle relevante privacyrechtspraak van de afgelopen periode? Schrijf u dan in voor Actualiteiten Privacyrecht! Vita Zwaan (bureau Brandeis) en Quintus Kroes (Brinkhof) zullen u bijpraten aan de hand van een aantal hoofdthema's, die hier later bekend gemaakt zullen worden. Uiteraad sluiten we de middag af met een borrel. Zeker weten dat u erbij kan zijn? Meld u dan aan via deze link, of stuur een e-mail naar info@delex.nl.

IT 4526

Influencers krijgen beschuldigen over zich heen via LinkedIn

Rechtbank 27 mrt 2024, IT 4526; ECLI:NL:RBZWB:2024:2326 (Eisers tegen gedaagden), https://itenrecht.nl/artikelen/influencers-krijgen-beschuldigen-over-zich-heen-via-linkedin

Rb. Zeeland-West-Brabant 27 maart 2024, IT 4526; ECLI:NL:RBZWB:2024:2326 (Eisers tegen gedaagden). Eisers zijn “influencer en vlogger” en eigenaar van een vakantiewoning. Gedaagde heeft deze woning gehuurd in januari 2023. Tijdens overleg over de eventuele (huur-)koop van de vakantiewoning is een conflict ontstaan, waarbij partijen elkaar de toegang tot de vakantiewoning over en weer hebben ontzegd. Gedaagde heeft vervolgens op LinkedIn een post geplaatst over “de malafide praktijken” van eisers, hen beschuldigd van oplichting en hierbij een foto van eisers toegevoegd. Eisers vorderen een verklaring voor recht dat gedaagde een onrechtmatige daad heeft gepleegd en een schadevergoeding van € 25.000,-. De kantonrechter oordeelt dat, in het licht van zijn recht op vrijheid van meningsuiting, gedaagde zijn persoonlijke mening en frustratie mag uiten, maar hij de grenzen hierbij heeft overschreden. Eisers worden in de berichten in verband gebracht met strafbare feiten, zoals diefstal en chantage, wat niet binnen de grenzen van betamelijkheid valt. Gedaagde is verplicht schadevergoeding van € 500,00 te betalen, inclusief een dwangsom van € 500,00 per grievende uitlating. Daarnaast wordt een contactverbod en een plicht tot plaatsing van een rectificatie opgelegd.

IT 4525

Lidstaten schieten tekort in omzetten van richtlijn (EU) 2018/1972

it en recht 14 mrt 2024, IT 4525; ECLI:EU:C:2024:232 (Europese Commissie tegen Republiek Polen e.a.), https://itenrecht.nl/artikelen/lidstaten-schieten-tekort-in-omzetten-van-richtlijn-eu-2018-1972

HvJ EU 14 maart 2024, IT 4525;  ECLI:EU:C:2024:232 (Europese Commissie tegen Republiek Polen, e.a.). De Europese Commissie heeft procedures gestart tegen meerdere lidstaten wegens tekortschieten in het omzetten van richtlijn (EU) 2018/1972 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie. De lidstaten zouden niet alle wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen hebben aangenomen die nodig zijn om te voldoen aan artikel 124, lid 1, van de richtlijn. Dit zou hebben geleid tot schending van artikel 258 VWEU. Het gaat om de lidstaten Ierland, Letland, Polen, Portugal en Slovenië.

IT 4524

Koppel laat websitebeheerder negatief publiceren over ex-partner

Hof 2 apr 2024, IT 4524; ECLI:NL:GHARL:2024:2236 (Huidige partners tegen voormalige partner), https://itenrecht.nl/artikelen/koppel-laat-websitebeheerder-negatief-publiceren-over-ex-partner

Hof Arnhem-Leeuwarden 2 april 2024, IT 4524; ECLI:NL:GHARL:2024:2236 (Huidige partners tegen voormalige partner). Huidige partners (man en huidige partner) hebben volgens de voormalige partner (van de man) opdracht gegeven aan een websitebeheerder om negatieve artikelen te publiceren op onder andere onrecht.nl, waarbij de huidige partners de websitebeheerder vertrouwelijke informatie verstrekt zouden hebben. De voormalige partner heeft bij de voorzieningenrechter een verbod onder dwangsom gevorderd, opdat huidige partners derden niet meer de opdracht geven publicaties te doen waarin hun goede naam en reputatie worden aangetast. Daarnaast is door de man gevorderd dat hij ontheven wordt uit zijn verplichtingen die bij vonnis van 15 december 2020 zijn opgelegd. De voorzieningenrechter heeft de vorderingen, met uitzondering van de proceskostenveroordeling en de vordering van de man, toegewezen. Beide partijen gaan in hoger beroep bij het Gerechtshof (hierna: het hof).

IT 4522

Uitspraak ingezonden door Jasper Hulsebosch, De Vos & Partners Advocaten.

Onvoldoende onderbouwd dat onrechtmatig is ingelogd in e-mailaccount

Hof 5 mrt 2024, IT 4522; ECLI:NL:GHSHE:2024:725 (Appellant tegen geïntimeerde), https://itenrecht.nl/artikelen/onvoldoende-onderbouwd-dat-onrechtmatig-is-ingelogd-in-e-mailaccount

Hof 's-Hertogenbosch 5 maart 2024, IT 4522; ECLI:NL:GHSHE:2024:725 (Appellant tegen geïntimeerde). Appellant was werknemer bij Econocom B.V. Geïntimeerde heeft een eenmanszaak en werkte voor Econocom B.V. als IT-specialist. Appellant verwijt geïntimeerde dat hij onrechtmatig heeft gehandeld door begin 2020 meerdere malen zonder toestemming in te loggen op de privé-emailadressen van appellant, met als gevolg dat appellant op staande voet is ontslagen door Econocom B.V. Geïntimeerde betwist dat hij heeft ingelogd in de privé-emailadressen en stelt dat geen sprake is van onrechtmatig handelen. In de procedure bij eerste aanleg heeft appellant een CSV-bestand verstrekt waaruit zou blijken dat er ingelogd is in het privé-emailadres vanaf het IP-adres van geïntimeerde. De rechtbank is, aan de hand van een deskundigenverklaring, van oordeel dat het CSV-bestand geen geldig bewijs kan opleveren. De vordering werd afgewezen. Appellant gaat in hoger beroep.

IT 4521

Divosa voldoet met aangevulde overzichten aan inzageverzoek

Hof 19 mrt 2024, IT 4521; ECLI:NL:GHARL:2024:1925 (Betrokkene tegen Divosa), https://itenrecht.nl/artikelen/divosa-voldoet-met-aangevulde-overzichten-aan-inzageverzoek

Hof Arnhem-Leeuwarden 19 maart 2024, IT 4521; ECLI:NL:GHARL:2024:1925 (Betrokkene tegen Divosa). Divosa ontplooit namens alle gemeenten in Nederland initiatieven om werkloosheid terug te dringen. De betrokkene heeft Divosa inzage verzocht in zijn persoonsgegevens die Divosa heeft verwerkt. Het door Divosa verstrekte overzicht is echter niet volledig volgens de betrokkene. Hij heeft de rechtbank verzocht Divosa te bevelen een volledig overzicht te verschaffen. Het gaat onder meer om informatie over de doelen van de verwerking en gegevenswisseling met derden. De rechtbank heeft het verzoek afgewezen, waarna de betrokkene in hoger beroep is gegaan bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (hierna: het hof). In tegenstelling tot het oordeel van de rechtbank, oordeelt het hof dat de betrokkene met zijn verzoeken geen misbruik van het inzagerecht maakt. Een betrokkene hoeft zijn inzageverzoek, dat neergelegd is in artikel 15 AVG, immers niet te motiveren. Het maakt dus ook niet uit of de informatie voor andere doeleinden wordt gebruikt. Het hof oordeelt dat het eerste overzicht onvolledig was en niet voldeed aan artikel 15 lid 3 AVG. Met haar aangevulde overzichten voldoet Divosa echter wel aan het inzageverzoek. De betrokkene heeft onvoldoende gemotiveerd dat door Divosa nog meer persoonsgegevens verwerkt zouden zijn. Hiermee is voldaan aan de vereisten van artikel 15 AVG en heeft de betrokkene geen belang meer bij de toewijzing van zijn inzageverzoek.