Deelname aan The Base en opruiing tot terroristische misdrijven via Telegram
Hof Den Haag 12 maart 2026, IT&R 5140; ECLI:NL:GHDHA:2026:380 (het OM / de Staat tegen [naam verdachte]). In dit arrest heeft het Gerechtshof Den Haag geoordeeld dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan deelname aan de rechtsextremistische terroristische organisatie The Base, aan het in het openbaar opruien tot terroristische misdrijven via een door hem beheerde Telegramgroep en aan het verspreiden van afbeeldingen waarin tot terroristische misdrijven werd opgeruid. Het hof stelt vast dat de verdachte in de periode van april tot en met augustus 2024 propaganda maakte en verspreidde voor The Base, contact onderhield met aan The Base gelieerde Telegramaccounts, en op 15 augustus 2024 zelfs een Nederlandse cel van die organisatie oprichtte en daarvoor personen rekruteerde. Daarnaast plaatste hij in zijn Telegramgroep onder meer racistische, antisemitische en homohaatdragende berichten en beelden, waaronder verwijzingen naar een rassenoorlog, oproepen tot geweld tegen moslims en joden, afbeeldingen met nazisymboliek en beelden van geweld, schiettraining en het gebruik van een molotovcocktail. Het hof verwerpt het verweer dat geen sprake was van openbare opruiing of van opruiing tot terroristische misdrijven: de Telegramgroep was volgens het hof voldoende openbaar, omdat toetreding relatief eenvoudig was, leden via openbare propaganda werden geworven en de groep in korte tijd sterk groeide. Gelet op de inhoud, strekking en context van de uitingen oordeelt het hof dat werd aangespoord tot onder meer moord en brandstichting met terroristisch oogmerk, namelijk het aanjagen van ernstige vrees bij delen van de bevolking en het ontwrichten van de fundamentele sociale structuren van Nederland.