TikTok-video met screenshots van privéberichten niet onrechtmatig
Rb. Amsterdam 24 juni 2026, IT 5338; ECLI:NL:RBAMS:2026:6415 ([eiseres] tegen [gedaagde]). De voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam wijst de vorderingen af van [eiseres], een bekende televisiepersoonlijkheid, tegen [gedaagde], een kunstenaar met een TikTok‑kanaal. De zaak betreft een door [gedaagde] gepubliceerde TikTok‑video waarin screenshots van privéberichten tussen partijen worden getoond en van commentaar voorzien. Partijen kwamen in 2024 via Instagram met elkaar in contact. In februari 2025 bood [eiseres] [gedaagde] aan om vijf portretten te maken in verband met een televisieopname, waarvoor een budget van € 150 beschikbaar was. [gedaagde] achtte dat bedrag voor vijf portretten niet realistisch en ver onder haar gebruikelijke tarief. Naar aanleiding daarvan ontstond discussie tussen partijen. In mei 2026 plaatste [gedaagde] een TikTok‑video met delen van de chatgesprekken en haar eigen commentaar daarop. Die video werd vervolgens breed gedeeld en ook door derden verder verspreid. [eiseres] vordert in kort geding onder meer verwijdering van de publicatie, plaatsing van een rectificatie en verstrekking van screenshots of ander beeldmateriaal van alle over haar gedeelde posts. Zij stelt dat [gedaagde] met de video een eenzijdig en vertekend beeld heeft geschetst van de correspondentie tussen partijen, waardoor haar eer, goede naam en reputatie zijn geschaad. Volgens [eiseres] wordt ten onrechte de indruk gewekt dat zij [gedaagde] als kunstenaar voor eigen gewin wilde gebruiken. Zij beroept zich op haar persoonlijke levenssfeer en stelt dat sprake is van een onrechtmatige publicatie. [gedaagde] voert aan dat zij zich als kunstenaar niet serieus genomen voelde, dat het voorgestelde bedrag niet in verhouding stond tot het gevraagde werk en dat zij haar ervaring daarover mocht delen.