26 mrt 2025
Twitter heeft geen belang bij schorsing executie dwangsommen, ook geen opheffing, matiging of verhoging

Vzr. Rb. Amsterdam 26 maart 2025, IT 4824; ECLI:NL:RBAMS:2025:1943 (Twitter tegen gedaagde). Het Twitter-account van gedaagde is opgeschort nadat hij een tweet plaatste waarin het woord kinderporno stond. Dit bericht ging over de Europese plannen tegen kinderporno en linkte naar een artikel van de NOS. Om erachter te komen waarom deze beperking was opgelegd heeft gedaagde een inzageverzoek in de zin van artikel 15 AVG ingediend. Nadat Twitter hier niet op reageerde heeft de rechter bepaald dat zij dit alsnog moet doen [zie IT 4602]. Twitter vordert in kort geding opschorting of beperking van de executie van een eerdere rechterlijke beschikking waarin dwangsommen zijn opgelegd. Twitter stelt onder meer dat de executie onrechtmatig is of moet worden gestaakt, of in afwachting van hoger beroep moet worden opgeschort. Gedaagde vordert in reconventie vaststelling dat Twitter dwangsommen heeft verbeurd en verzoekt de eerder opgelegde dwangsom te handhaven of te verhogen.
De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van Twitter tot staking of opschorting van de executie van een eerdere beschikking af wegens gebrek aan spoedeisend belang. Gedaagde heeft namelijk toegezegd geen executiemaatregelen te treffen hangende het hoger beroep, tenzij hij vooraf Twitter de kans geeft om vrijwillig te voldoen. Daarom is er nu geen grond voor ingrijpen. Twitter verzoekt op grond van artikel 611d Rv om opheffing of matiging van de opgelegde dwangsommen, omdat zij stelt alles in redelijkheid te hebben gedaan om te voldoen aan de beschikking. De rechter oordeelt echter dat Twitter in principe aan de hoofdveroordeling kan voldoen. Dit betekent uitsluiting van art. 611d Rv. De rechter wijst daarom ook deze vordering af. Ook de gevorderde verhoging van de opgelegde dwangsom wordt afgewezen. De huidige dwangsom vormt volgens gedaagde geen effectieve prikkel voor Twitter, gelet op Twitter’s wereldwijde omzet. Dit wordt afgewezen omdat, omdat gedaagde heeft toegezegd (vooralsnog) niet tot executie over te gaan en de dwangsom al ongemaximeerd is, waardoor deze nog kan oplopen. Gedaagde wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten. Gezien de nauwe samenhang met de conventie, worden de kosten van Twitter begroot op nihil.
4.7. Naar voorlopig oordeel is Twitter op grond van de Beschikking wel degelijk verplicht om de ’Guano-notes’ volledig te verstrekken en heeft zij dat niet gedaan. Uit r.o. 4.36 van de Beschikking volgt dat Guano een chronologisch overzicht is van alle acties die op een account zijn genomen, dat dit een persoonsgegeven is en dat Twitter inzage dient te geven in de verwerking daarvan, in de context van dat systeem, zodat [gedaagde] dat kan controleren op de rechtmatigheid en juistheid. Op de door [gedaagde] in dit kort geding ter zitting overgelegde pagina uit de door Twitter verstrekte Guano-uitdraai zijn alle persoonsgegevens weggelakt. Twitter heeft alleen al op dat punt de Beschikking dus niet uitgevoerd, ook al was dat wel mogelijk. Dat dit voorbeeld exemplarisch is voor de rest van de door Twitter verstrekte uitdraai is door Twitter overigens niet weersproken.