Manipulatie computersysteem grond voor ontbinding arbeidsovereenkomst, verzwijgen daarvan niet
Ktr. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 4 maart 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:1561 (manipulatie computersysteem) en ECLI:NL:RBZWB:2014:1552 (manipulatie computersysteem II)
Manipulatie computersysteem. Voorwaardelijk ontbindingsverzoek van werkgever toegewezen. [verzoekster] heeft succesvol verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens gewichtige redenen. [verweerder] heeft geen melding gemaakt van 3.000 tot 5.000 liter weggelekte vloeistof en vervolgens wijzigingen aangebracht in het computersysteem om het te verdoezelen. [verweerder] is met deze manipulatie alle grenzen van goed werknemerschap te buiten gegaan en heeft [verzoekster] hierdoor een dringende reden gegeven voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst.
In de zaak ECLI:NL:RBZWB:2014:1552 gaat het om een werknemer die het incident heeft verzwegen. Volgens de kantonrechter is geen sprake van een dringende reden om tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst over te gaan.
4.4. Vastgesteld wordt dat [verweerder] de hem verweten gedragingen niet heeft betwist.
Verder staat vast dat [verzoekster] een bijzonder grote verantwoordelijkheid draagt als het gaat om het garanderen van de veiligheid van haar werknemers, producten en de directe omgeving van de productielocaties. In dat kader hecht [verzoekster] terecht zwaar aan handhaving van het veiligheidsbeleid en aan het melden van veiligheidsincidenten. Naar het oordeel van de kantonrechter is, alle omstandigheden van het geval in aanmerking genomen, sprake van een dringende reden voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [verweerder]. Ondanks zijn verplichting hiertoe, heeft [verweerder] geen melding gemaakt van het weglekken van de vloeistof. Ook toen hij te weten kwam dat het niet om een paar honderd liter maar om 3.000 tot 5.000 liter weggelekte vloeistof ging, heeft hij geen melding gedaan bij [verzoekster]. Integendeel. [verweerder] besloot een aantal uren na het incident om, in plaats van het incident alsnog te melden, wijzigingen aan te brengen in het computersysteem van [verzoekster] om zo deze (niet te verwaarlozen) spill te verdoezelen. [verweerder] is met deze manipulatie van het systeem naar het oordeel van de kantonrechter alle grenzen van goed werknemerschap te buiten gegaan en heeft [verzoekster] hierdoor een dringende reden gegeven voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Met een minder vergaande sanctie hoefde [verzoekster] niet te volstaan. [verweerder] heeft ook ruim de tijd gehad om zijn handelen en nalaten te overdenken. Tussen het lekken van de vloeistof en het door hem wijzigen van de gegevens in het computersysteem is een aantal uren verstreken. Dat bij de manipulatie van het systeem sprake was van het handelen in een vlaag van verstandsverbijstering is dan ook niet aannemelijk, nog los van het feit dat voor een ontbinding op grond van een dringende reden verwijtbaarheid niet per se is vereist.
4.5. Gelet op het voorgaande zal het primaire verzoek van [verzoekster] tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst, voor zover deze nog bestaat, op grond van een dringende reden worden toegewezen. Overige omstandigheden die hieraan in de weg zouden staan, zijn de kantonrechter niet gebleken. De arbeidsovereenkomst tussen partijen zal met onmiddellijke ingang, dat wil zeggen per 5 maart 2014, worden ontbonden. Aangezien er sprake is van een dringende reden is er geen grond om aan [verweerder] in het kader van de ontbinding van de arbeidsovereenkomst een vergoeding toe te kennen.
Lees hier de uitspraak:
ECLI:NL:RBZWB:2014:1561 (link)
ECLI:NL:RBZWB:2014:1561 (pdf)
In het AO Overheid en ICT/mGBA op 7 november 2013 (Kamerstuk 26 643, nr. 303) heb ik aan uw Kamer toegezegd de broncode van de Basisregistratie Personen (BRP) op verzoek te zullen vrijgeven. Met deze brief informeer ik u over de wijze waarop de code beschikbaar wordt gesteld en de randvoorwaarden die daarbij gelden. Het vrijgeven van de broncode van software is een goede manier om transparant te zijn over de kwaliteit van de software en is ook een goede manier om een «gratis kwaliteitscontrole» te organiseren. Daarom stel ik de broncode graag beschikbaar.
Misleidend en oneerlijk. Levertijd. Garantie. Onduidelijke informatie. De klacht richt zich succesvol tegen de volgende uiting: “’Ready to go’ Delivery: Dit toestel wordt inclusief hoogwaardige kwaliteit oplader en accu geleverd. (…)” Onder het kopje “Levering” staat onder meer: “Origineel product: Op onze website worden enkel 100% originele merkproducten en OEM (Original Equipment Manufacturer) producten aangeboden.” “Product & Garantie: Op dit product zit 30 dagen volledige omruilgarantie, [..] Het gaat hier om zogenaamde tot in complete nieuwstaat gereviseerde modellen die met een nieuwe garantietermijn worden geleverd”. “Bedenktijd: Op dit product zit een bedenktijd van 7 werkdagen [..]”%20wikimedia.png)
Kort geding. Online drugshandel. Uitlevering VS. Geen dwingende redenen of nieuwe informatie. De autoriteiten van de VS hebben om de uitlevering van eiser verzocht. Zij willen eiser vervolgen voor het deelnemen aan een criminele organisatie die zich bezighoudt met de internationale verkoop via internet van verdovende middelen en het witwassen van de opbrengsten daarvan. Als onderdeel van het opsporingsonderzoek dat voorafging aan het uitleveringsverzoek, zijn door de Verenigde Staten via internet pseudokopen gedaan. De uitlevering is toelaatbaar verklaard door de rechtbank. De Minister heeft besloten de uitlevering toe te staan.
Beroep op hardheidsclausule gegrond. Systeemfout. Op de roldatum 1 oktober 2013 is in onderhavige zaak het griffierecht berekend en vastgelegd in het registratiesysteem van de civiele dagvaardingszaken bij het hof (ReIS). Op dat moment stond in de database waaruit ReIS haar gegevens put, vermeld dat er geen rekening-courant-verhouding met mr. J. Schutrups bestond. Dientengevolge is automatisch een nota naar mr. J. Schutrups verzonden met het verzoek binnen vier weken voor betaling zorg te dragen. Uit nader ingewonnen informatie bij LDCR blijkt dat op 1 oktober 2013 wel een rekening-courant-verhouding met mr. J. Schutrups bestond. Hoe het heeft kunnen gebeuren dat op 1 oktober 2013 de rekening-courant-verhouding niet was vermeld in de database waaruit ReIS haar gegevens put, heeft LDCR niet kunnen aangeven. Deze rekening-courant-verhouding is blijkens mededeling van het LDCR op 11 november 2013 beëindigd, maar dat kan en mag er niet aan in de weg hebben gestaan dat de rekening-courant-verhouding op 1 oktober 2013 geldig was.
Uit het