Beveiligingscamera maakt geen inbreuk op privacy
Ktr. Rechtbank Midden-Nederland 20 januari 2022, IT 3780; ECLI:NL:RBMNE:2022:91 (Beveiligingscamera) Kort geding. De achtertuinen van partijen grenzen aan elkaar. Gedaagde heeft een camera aan de achtergevel van zijn woning bevestigd. Eiser stelt dat deze camera op zijn achtertuin is gericht en daardoor inbreuk maakt op zijn privacy / persoonlijke levenssfeer. Eiser vordert dat de camera in kwestie wordt verwijderd. De kantonrechter oordeelt dat het spoedeisend belang bij toewijzing van de vordering ontbreekt omdat de camera al ongeveer tweeënhalf jaar geleden is geplaatst. Ook indien spoedeisend belang wel zou worden aangenomen, is niet aannemelijk dat er sprake is van een onrechtmatige op de privacy / persoonlijke levenssfeer van eiser inbreukmakende situatie. Onderzoek ter plaatse heeft bewezen dat de camera slechts de tuin van gedaagde in beeld brengt. Wanneer deze handmatig flink naar links wordt gedraaid, komt ook de erfafscheiding met een deel van de tuin van eiser in beeld. De enkele mogelijkheid dat de tuin van eiser voor een deel handmatig in zicht kan worden gebracht, is onvoldoende om de onrechtmatigheid van het plaatsen van de camera zonder meer aan te nemen. De vordering van eiser wordt afgewezen.