DOSSIERS
Alle dossiers

Contracten  

IT 2671

Geen opname van telefonisch verkoop domeinnaam voorafgaand aan de bevestiging is voor eigen risico

Rechtbank 25 okt 2018, IT 2671; ECLI:NL:RBNHO:2018:9588 (Trademark Office tegen Hout DieZijn Meubelmakerij), https://itenrecht.nl/artikelen/geen-opname-van-telefonisch-verkoop-domeinnaam-voorafgaand-aan-de-bevestiging-is-voor-eigen-risico

Ktr. Rechtbank Noord-Holland 25 oktober 2018, IT 2671; RB 3240; ECLI:NL:RBNHO:2018:9588 (Trademark Office tegen Hout DieZijn Meubelmakerij) Telemarketing. Trademark heeft gedaagde benaderd over het registreren van www.houtdiezijn.nl tegen betaling, met instemming is een opname gemaakt van een deel van het telefoongesprek waarin gedaagde akkoord is gegaan. De overeenkomst is vernietigd vanwege dwaling/bedrog. Gedaagde voert aan dat de door Trademark in geding gebrachte transcriptie van de voice log een te summiere weergave is van de telefoongesprekken tussen hen. Van de bevestiging van de overeenkomst was een beperkte geluidsopname en transcriptie. Van de daaraan voorafgegane telefonische gesprekken waren geen geluidsopnames gemaakt (ook geen aantekeningen); vordering tot betaling wordt dan ook afgewezen.

IT 2666

In gebreke blijven Gorspaviljoen contract pinautomaten niet gerechtvaardigd door ondernemersrisico

Rechtbank 9 mrt 2018, IT 2666; ECLI:NL:RBROT:2018:8282 (CCV tegen Gorspaviljoen), https://itenrecht.nl/artikelen/in-gebreke-blijven-gorspaviljoen-contract-pinautomaten-niet-gerechtvaardigd-door-ondernemersrisico

Rechtbank Rotterdam 9 maart 2018, IT 2666; ECLI:NL:RBROT:2018:8282 (CCV tegen Gorspaviljoen) Contractrecht. CCV is leverancier en verhuurder van mobiele pinautomaten. Zij heeft met Gorspaviljoen een huurovereenkomst gesloten ter zake twee pinautomaten. Gorspaviljoen is in gebreke gebleven, ondanks een aanmaning. Zij stelt dat ze slechts drie weken gebruik heeft gemaakt van de automaten omdat haar restaurant niet goed liep. Dit hoort echter bij het ondernemersrisico. Het verweer van Gorspaviljoen wordt verworpen. 

IT 2663

Uitspraak en samenvatting ingezonden door Willeke Kemkers, Greenberg Traurig.

Uitzending Top 40 door Radio 538 via DAB+ niet toegestaan vanwege afhakende luisteraars

Rechtbank 26 okt 2018, IT 2663; ECLI:NL:RBAMS:2018:7644 (Top 40 tegen Radio 538), https://itenrecht.nl/artikelen/uitzending-top-40-door-radio-538-via-dab-niet-toegestaan-vanwege-afhakende-luisteraars

Vzr. Rechtbank Amsterdam, 26 oktober 2018, IEF 18064; IT 2663; ECLI:NL:RBAMS:2018:7644 (Top 40 tegen Radio 538) Contractenrecht. Mediarecht. Stichting de Nederlandse Top 40 (‘de Stichting’) en Radio 538 werken al meer dan 25 jaar samen ten behoeve van het radioprogramma Top 40. In dit verband zijn steeds licentieovereenkomsten gesloten. De laatste overeenkomst loopt af op 31 december 2018. Uitzending van de Top 40 vindt al gedurende 25 jaar plaats middels het landelijke FM zendernetwerk van Radio 538. Na diverse onderhandelingen tussen partijen over een mogelijke voortzetting van de licentieovereenkomst, publiceert Radio 538 op maandag 24 september 2018 een persbericht. Hierin kondigt zij aan met een eigen, vernieuwde hitlijst (de 538TOP50) te zullen komen, die vanaf november 2018 op het vertrouwde tijdstip van 14.00 tot 18.00 te horen zal zijn. Radio 538 kondigt aan de Top 40 te verplaatsen naar het DAB+ kanaal en het online kanaal van Radio 538. Daarnaast speelt ook de samenstelling van de Top 40 mee bij deze beslissing, zo stelt Radio 538 in het persbericht: “Door de veranderingen in de markt en de wijze waarop muziek wordt geconsumeerd, wil de zender de samenstelling van de lijst veranderen. De recente gesprekken met de Stichting Nederlandse Top 40 leidden niet tot een akkoord. De vernieuwing is nodig omdat streamingcijfers onnauwkeurig zijn als het gaat om de waardering”.

IT 2644

Audit trail zorgt voor aanvaarding contract Nationale Zorggids, gerechtvaardigd vertrouwen door stagiaire die zich "assistente" noemt

Rechtbank 8 aug 2018, IT 2644; ECLI:NL:RBMNE:2018:4749 (Nationale Zorggids), https://itenrecht.nl/artikelen/audit-trail-zorgt-voor-aanvaarding-contract-nationale-zorggids-gerechtvaardigd-vertrouwen-door-stagi

Rechtbank Midden-Nederland 08 augustus 2018, IT 2644; ECLI:NL:RBMNE:2018:4749 (Nationale Zorggids) Eiseres houdt zich bezig met dienstverlening op het gebied van marketing, communicatie en multimedia. Zij beheert een aantal branche-gerelateerde websites, waaronder de Nationale Zorggids. Gedaagde voert een psychologische praktijk en verzorgt bedrijfsopleidingen en trainingen. Zij heeft stagiaires in dienst. Eiseres heeft in augustus 2015 een email gestuurd naar de praktijk van gedaagde betreffende een overeenkomst voor een pakket van de Nationale Zorggids en heeft dezelfde dag hierover telefonisch contact gehad met een stagiaire van gedaagde. September 2015 geeft gedaagde dat zij niet aanwezig was in augustus 2015 en dat zij dus ook geen toestemming heeft gegeven voor de overeenkomst. Zij wenste de facturen niet te betalen. De kantonrechter is van oordeel dat vast is komen te staan dat er via audit trail een digitaal aanvaardingsproces is doorlopen door één van de stagiaires van gedaagde. Daar bovenop had eiseres niet kunnen afleiden van het telefoongesprek dat ze met een stagiaire praatte, omdat de stagiaire zich assistente van gedaagde noemde. In de zorg is het gebruikelijk dat zorgverleners werkzaamheden laten bijstaan door een assistente. Het aanbod van de overeenkomst is daarmee aanvaard. Omdat eiseres facturen onbetaald heeft gelaten, is zij toerekenbaar tekortgeschoten in haar betalingsverplichtingen en is eiseres bevoegd de overeenkomst te ontbinden.

IT 2645

"Op het einde van de registratieperiode" dient niet worden uitgelegd als het einde van automatische jaarlijkse verlenging van domeinnamen

Hof 18 sep 2018, IT 2645; ECLI:NL:GHAMS:2018:3432 (Hostway tegen Stichting Justitio Zuid), https://itenrecht.nl/artikelen/op-het-einde-van-de-registratieperiode-dient-niet-worden-uitgelegd-als-het-einde-van-automatische-j

Hof Amsterdam 18 september 2018, IT 2645; IEF 18011; ECLI:NL:GHAMS:2018:3432 (Hostway tegen Stichting Justitio Zuid) A. heeft 217 domeinnamen laten registreren door Hostway. De activiteiten en domeinregistraties zijn van A. overgegaan op People Business. A heeft alle domeinnamen in 2010 per brief en fax opgezegd per de verscheidene vervaldata. Hostway heeft vóór het eind van de registratieperiodes domeinnamen vrijgegeven die op naam van A. stonden geregistreerd. A. meldde dat dit niet de bedoeling was, waardoor Hostway de meeste domeinnamen weer op naam van A heeft geregistreerd. Hostway voerde aan dat zij verward was over de strekking van de opzegging. Zij dacht dat A. de domeinnamen wellicht had willen "verhuizen" naar een andere host, en dat het in de brief ging over vervaldata van de domeinnamen die jaarlijks geregistreerd worden. Het hof oordeelt dat de bewoordingen in de brief dat de registraties worden opgezegd "op het einde van de registratieperiode" zijn, in samenhang met het kopje "vervaldatum" en de daaronder genoemde data, zo duidelijk dat zij redelijkerwijs niet anders kunnen worden uitgelegd dan dat A. de overeenkomsten tot registratie in die zin opzegde dat de registraties dienden voort te duren tot aan de data die onder dat kopje worden genoemd. Het hof gaat mee met het oordeel van de rechtbank dat Hostway toerekenbaar tekortgekomen is in de nakoming van de met A. gesloten overeenkomsten door de registraties eerder te beëindigen dan zij mocht doen als gevolg van de opzeggingen in de opzeggingsbrief.

IT 2632

Overeenkomst rechtsgeldig beëindigd op 1 januari 2017: afnemer betaalt leverancier voor onderhoud tot 1 januari 2017

Stichting Geschillenoplossing automatisering 7 feb 2018, IT 2632; (Beëindiging automatiseringsovereenkomst), https://itenrecht.nl/artikelen/overeenkomst-rechtsgeldig-be-indigd-op-1-januari-2017-afnemer-betaalt-leverancier-voor-onderhoud-tot

SGOA arbitraal vonnis 7 februari 2018, IT 2632 (Beëindiging automatiseringsovereenkomst) ICT. Leverancier richt zit op onder meer op het ontwikkelen, produceren, uitgeven en onderhouden van software. Afnemer doet in vermogensbeheer en beleggingsadvies. Afnemer en leverancier sluiten in 2007 een automatiseringsovereenkomst over de levering van een automatiseringssysteem voor het beheren van relaties en relatiecontacten. Eind 2015 wil afnemer een deel van het overeengekomen onderhoud opzeggen. Maar in de automatiseringsovereenkomst staat dat dit pas tegen de laatste kalendermaand kan en niet tussentijds. Op 22 januari 2016 laat afnemer per brief laten weten de automatiseringsovereenkomst te willen opzeggen per 1 januari 2017. Ook geeft afnemer de opdracht onderhoud aan vier onderdelen van het automatiseringssysteem te schrappen. Leverancier heeft hier niet op gereageerd. Afnemer wil de gehele overeenkomst ontbinden omdat de leverancier in verzuim is. Maar de leverancier stelt dat de afnemer de overeenkomst moet nakomen tot de einddatum. Afnemer sluit de toegang tot het systeem af, zodat Leverancier geen onderhoud meer kan leveren. Leverancier vordert dat de overeenkomst niet is geëindigd door opzegging per 1 januari 2017 en dat de afnemer daarom de onderhoudsverplichting moet betalen. De arbiters oordelen dat de afnemer onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij gerechtigd was om het onderhoud te verminderen en daardoor is er geen grond voor ontbinding van de overeenkomst. De overeenkomst is met de brief van 22 januari 2016 wel rechtsgeldig beëindigd. De primaire vordering wordt afgewezen. Afnemer moet de onderhoudsvergoeding betalen over de periode 21 juli 2016 tot 1 januari 2017, plus een compensatie voor het bedrag dat betaald zou worden als de overeenkomst niet was opgezegd, te weten € 49.870,32.

IT 2630

Uitspraak ingezonden door Hanneke Slager en Gwendolin van Rooy, Cordemeyer & Slager / Advocaten

Motiv niet aansprakelijk want de tokens zelf zijn niet gebrekkig geworden door de hack

Hof 4 sep 2018, IT 2630; (Politie tegen Motiv IT Masters), https://itenrecht.nl/artikelen/motiv-niet-aansprakelijk-want-de-tokens-zelf-zijn-niet-gebrekkig-geworden-door-de-hack

Hof Arnhem-Leeuwarden 4 september 2018, IEF 17959; IT 2630 (Politie tegen Motiv It Masters) Contractenrecht. Hacking. Cryptobeveiliging. De politie en RSA hebben een overeenkomst gesloten over de afname van een digitaal beveiligingsproduct. Daarnaast heeft de politie een raamovereenkomst gesloten met Motiv. De Politie stelt dat na de digitale inbraak bij RSA de beveiligingstokens - geleverd door Motiv - niet meer voldeden aan wat zij daarvan mocht verwachten, namelijk gedurende drie of vier jaar zeer sterke cryptografische bescherming. De politie vordert een verklaring voor recht dat Motiv toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de Raamovereenkomst en een schadevergoeding van €1.166.235,85. De rechtbank [IT 2031] oordeelde dat de RSA-software niet onder de voorwaarden van de Raamovereenkomst valt en verwerpt de vorderingen. In hoger beroep vordert de politie dat Motiv tekort is geschoten in de nakoming. Het is van belang dat De Politie het bewuste beveiligingssysteem zelf, zonder bemoeienis of advies van Motiv, heeft uitgekozen en dat de tokens ten tijde van de levering in ieder geval wel aan de overeenkomst beantwoordden. Dat later een gebrek in de tokens is ontstaan, is toe te schrijven aan omstandigheden die zich geheel in de risicosfeer van RSA bevonden (te weten de hack en het feit dat er kennelijk steeds zijn bewaard, waardoor die konden worden gekopieerd) en die Motiv niet kon beïnvloeden of voorkomen. Daar komt dan nog bij dat ieder computersysteem uiteindelijk kan worden gehackt, zodat De Politie ook geen volledig hackfree systeem mocht verwachten. Motiv hoeft niet in te staan voor de gevolgen van het later opgetreden gebrek in de tokens. Het Hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

IT 2628

Tweede Kamer publiceert technische informatie over de publicatie Nederlandse Digitaliseringsstrategie

29 aug 2018, IT 2628; https://itenrecht.nl/artikelen/tweede-kamer-publiceert-technische-informatie-over-de-publicatie-nederlandse-digitaliseringsstrategi

Digitalisering transformeert wereldwijd economieën en maatschappijen in een razendsnel tempo. Nederland heeft een goede uitgangspositie om de economische en maatschappelijke kansen van digitalisering te verzilveren. De digitale infrastructuur is van wereldklasse, de beroepsbevolking is goed opgeleid en we hebben een traditie van samenwerking, bijvoorbeeld tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid. Tegelijkertijd roept digitalisering ook nieuwe, fundamentele vragen op. Bijvoorbeeld over de bescherming van onze privacy en de toekomst van onze banen. Om de kansen van digitalisering te benutten en antwoorden te geven op deze vragen moet Nederland voorop lopen met digitalisering. Met onderzoek, met experimenten en met het toepassen van nieuwe technologie. Op die manier versterken we het Nederlands verdienvermogen, kunnen we beter richting geven aan technologische ontwikkelingen en zetten we vol in op de economische en maatschappelijke kansen van digitalisering. Om voorop te kunnen lopen moeten we ook het vertrouwen van burgers en bedrijven vergroten. Daarom versterken we het fundament – o.a. privacybescherming, cybersecurity, digitale vaardigheden en eerlijke concurrentie - voor digitalisering. De uitdaging bij deze transformatie is om iedereen binnen boord te krijgen én te houden. Op de arbeidsmarkt, maar ook in de samenleving als geheel. Het kabinet zet daarom in op een aanpak met twee sporen:
1. Maatschappelijke en economische kansen benutten (versnellen)
2. Versterken van het fundament (basisvoorwaarden)
Lees hier het volledige rapport.

IT 2622

Hof vraagt om bewijs van bevoegdheid tot nacalculatie van daadwerkelijk gebruik multifunctionele printers

Hof 21 aug 2018, IT 2622; ECLI:NL:GHSHE:2018:3496 https://itenrecht.nl/artikelen/hof-vraagt-om-bewijs-van-bevoegdheid-tot-nacalculatie-van-daadwerkelijk-gebruik-multifunctionele-pri

Hof Den Bosch 21 augustus 2018, IT 2622; ECLI:NL:GHSHE:2018:3496 (Holding tegen verweerder) Bevoegdheid. Nacalculatie. Contractenrecht. De Holding is huur- en onderhoudsovereenkomsten aangegaan met betrekking tot multifunctionele printers (MFP's). Verweerder levert onder andere MFP's. Verweerder en de holding hebben de overeenkomst beëindigd. Verweerder heeft een factuur voor nacalculatie gestuurd van € 109.371,11 maar de Holding betaalt niet. Verweerder vordert bij de rechtbank dat de Holding alsnog betaalt. De rechtbank veroordeeld de Holding tot betaling van € 109.371,11. De Holding stelt dat de nacalculatie over 2013 is inbegrepen in de afkoopssom In hoger beroep vordert de Holding dat ze elkaar finale kwijting hebben verleend ten aanzien van de nacalculatie. De holding heeft er niet gerechtvaardigd op kunnen vertrouwen dat de nacalculatie onder de afkoopsom inbegrepen zou zijn. Dat via e-mail wordt gesproken over finale kwijting is onvoldoende om aan te nemen dat sprake was van finale kwijting in die zin dat ook de nacalculatie over 2013 onder de afkoopsom zou vallen. De Holding heeft gemotiveerd verweer gevoerd tegen de door verweerder gestelde bevoegdheid tot nacalculatie en de hoogte daarvan. Het hof laat de verweerder toe te bewijzen dat hij wel bevoegdheid tot nacalculatie heeft op grond van de huur- en onderhoudsovereenkomsten en dat de hoogte van de nacalculatie € 109.371,11 is.

IT 2611

Vragen aan HvJ EU: Kunnen beperkende regels voor vastgoedmakelaar tegen Airbnb worden ingeroepen

HvJ EU 7 jun 2018, IT 2611; Zaak C-390/18 (Airbnb Ireland), https://itenrecht.nl/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-kunnen-beperkende-regels-voor-vastgoedmakelaar-tegen-airbnb-worden-ingeroepen

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 7 juni 2018, IEFbe 2673; IT 2611; Zaak C-390/18 (AirBNB Ireland) Via Minbuza: De in Ierland gevestigde onderneming Airbnb Ireland biedt een online platform dat tot doel heeft verhuurders (zowel verhuurbedrijven als particulieren) die over accommodatie beschikken en potentiële huurders in een groot aantal landen met elkaar in contact te brengen. Franse internetgebruikers sluiten een contract af met Airbnb Ireland voor het gebruik van de website (plaatsing van advertenties, reserveringen) en met Airbnb Payments UK Ltd voor betalingen via de website. Op 24.01.2017 heeft de vereniging voor professionele accommodatie en toerisme (hierna: Ahtop) een klacht ingediend bij de rechter in eerste aanleg vanwege het verrichten van werkzaamheden van bemiddeling in en beheer van onroerend goed en winkelpanden zonder beroepskaart uit hoofde van de wet-Hoguet en andere strafbare feiten. In deze wet-Hoguet zijn verschillende regels vastgelegd waaraan vastgoedmakelaars dienen te voldoen (bijhouden van een register, afgifte van een beroepskaart e.d.), aangezien het om een gereglementeerd beroep gaat, op straffe van strafrechtelijke sancties. Ahtop verwijt Airbnb zich aan deze regels te onttrekken, terwijl het bedrijf volgens de vereniging het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent via een online platform. Naar aanleiding van deze klacht heeft het parket van Parijs op 16.03.2017 een vordering tot het instellen van een gerechtelijk onderzoek ingediend vanwege het beheer van financiële middelen voor werkzaamheden van bemiddeling in en beheer van onroerend goed en winkelpanden door een persoon zonder beroepskaart (wet-Hoguet) en andere strafbare feiten. Airbnb betwist werkzaamheden als vastgoedmakelaar te verrichten en betoogt dat de wet-Hoguet niet op haar van toepassing is omdat deze strijdig is met de bepalingen van richtlijn 2000/31.