5 aug 2026,
Tijdelijke aanbestedingsstop voor ICT-opdracht in afwachting van nieuwe praktijktest
Rb. Zeeland-West-Brabant 5 augustus 2025, IT 5597; ECLI:NL:RBZWB:2025:5147 (Pegamento tegen de Bevelandse Organisaties). Pegamento heeft in juli 2023 na een Europese openbare aanbesteding van vijf Zeeuwse gemeenten en de Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking De Bevelanden een opdracht gekregen voor het ontwikkelen en implementeren van een telecommunicatieoplossing onder de naam ‘Telecommunicatie als een Dienst’. De overeenkomst bepaalde dat Pegamento vóór oplevering met een proof of concept (PoC) moest aantonen dat de ICT-prestatie voldeed aan de overeengekomen eisen. De Bevelandse Organisaties ontbonden de overeenkomst op 1 november 2024 buitengerechtelijk, omdat Pegamento volgens hen de oplossing niet vóór 1 april 2024 had geïmplementeerd. Pegamento betwist de rechtmatigheid van deze ontbinding en stelt dat de oplossing al in december 2023 aan de overeenkomst voldeed en gebruiksklaar was. Volgens Pegamento werden verdere tests vertraagd door aanvullende wensen en het handelen van de Bevelandse Organisaties. Zij vordert daarom in kort geding een zogenoemde standstill, zodat de opdracht niet opnieuw kan worden aanbesteed of aan een derde kan worden gegund voordat duidelijkheid bestaat over haar nakoming. De voorzieningenrechter oordeelt dat Pegamento een spoedeisend belang heeft, omdat de Bevelandse Organisaties voornemens zijn met een derde partij in zee te gaan. Of Pegamento tijdig en deugdelijk heeft gepresteerd en of de buitengerechtelijke ontbinding gerechtvaardigd was, kan echter niet zonder nader bewijs, eventueel door middel van een deskundigenonderzoek, worden vastgesteld. Het kort geding leent zich niet voor die bewijslevering.
De voorzieningenrechter wijst de primaire vordering af, omdat onduidelijk is hoelang de Bevelandse Organisaties daardoor in hun contractsvrijheid zouden worden beperkt. Na afweging van de wederzijdse belangen wordt de subsidiaire vordering grotendeels toegewezen. Daarbij weegt zwaar dat Pegamento niet alleen een financieel belang heeft bij nakoming, maar ook belang heeft bij voltooiing van de opdracht vanwege haar reputatie en toekomstige aanbestedingen. De rechter wijst een door Pegamento voorgestelde deskundige aan, tegen wiens aanwijzing de Bevelandse Organisaties geen bezwaar hebben gemaakt. Deze moet op kosten en risico van Pegamento tijdens een nieuwe testdag beoordelen of de ICT-prestatie aan de overeenkomst voldoet en gebruiksklaar is, en uiterlijk 1 oktober 2025 schriftelijk en zonder voorbehoud verslag uitbrengen. De Bevelandse Organisaties moeten binnen vijf dagen na betekening van het vonnis aan de test meewerken. Vanaf betekening van het vonnis mogen zij tot 1 oktober 2025 de opdracht of een gelijksoortige opdracht niet opnieuw aanbesteden, aan een derde gunnen of daarover afspraken met derden maken. Als de deskundige uiterlijk op die datum schriftelijk en zonder voorbehoud bevestigt dat de oplossing aan de overeenkomst voldoet en gebruiksklaar is, blijft dit verbod gelden totdat de bodemrechter in eerste aanleg anders beslist. Aan de medewerkingsverplichting en het aanbestedingsverbod zijn dwangsommen verbonden. De Bevelandse Organisaties worden veroordeeld tot betaling van € 2.553 aan proceskosten.
4.5.
Pegamento vordert primair een standstill totdat in een bodemprocedure in eerste aanleg of de door een door de rechtbank te benoemen deskundige op grond van een voorlopig deskundigenbericht vaststelt dat de ICT Prestatie van Pegamento dusdanige tekortkomingen bevat dat deze de ontbinding van de Overeenkomst door de Bevelandse Organisaties rechtvaardigt. De voorzieningenrechter overweegt dat Pegamento of de Bevelandse Organisaties nog geen bodemprocedure hebben ingesteld. De Bevelandse Organisaties hebben ter zitting aangevoerd dat zij inhoudelijk verweer zullen voeren tegen het verzoek tot voorlopig deskundigenbericht. De Bevelandse Organisaties voeren dan ook terecht aan dat op basis van de formulering van de primaire vordering onduidelijk blijft wanneer een einde zal komen aan de beperking van hun vrijheid om met derden te mogen contracteren. Het belang van de Bevelandse Organisaties om niet langdurig in hun contractsvrijheid te worden beperkt, staat dan ook aan toewijzing van de primaire vordering in de weg. De primaire vordering zal de voorzieningenrechter dan ook afwijzen.
4.6.
Subsidiair vordert Pegamento dat de Bevelandse Organisaties moeten meewerken aan het uitvoeren van een testdag (PoC) in het bijzijn van een door de voorzieningenrechter aan te wijzen deskundige persoon gedurende een standstill.
4.7.
De voorzieningenrechter oordeelt voorshands als volgt. Wanneer een deskundige persoon vaststelt en onvoorwaardelijk en zonder enige voorbehoud verklaart dat de ICT Prestatie van Pegamento aan de Overeenkomst beantwoordt en gebruiksklaar is, hebben de Bevelandse Organisaties geen rechtens te respecteren belang meer bij handhaving van hun verweer dat zij met (een) derde(n) moeten kunnen contracteren over de ICT Prestatie. Continuering van de standstill is dan op zijn plaats totdat de bodemrechter anders beslist.
4.8.
Ter zitting heeft Pegamento een deskundige persoon voorgesteld die de prestatie van Pegamento kan beoordelen: de heer [naam] . De Bevelandse Organisaties hebben ter zitting verklaard tegen de aanwijzing van deze deskundige geen bezwaar te hebben. Het zwaarwegende belang van Pegamento bij een standstill bestaat eruit dat zij in een later stadium nog met succes nakoming van de Overeenkomst moet kunnen vorderen. Als haar die mogelijkheid wordt ontnomen – en dat gebeurt wanneer de Bevelandse Organisaties met (een) derde(n) over de ICT Prestatie mogen contracteren – rest Pegamento een eventuele vordering tot schadevergoeding. Pegamento heeft een groot commercieel belang bij nakoming van de Overeenkomst en bij voltooiing van de Opdracht. Volgens Pegamento is het een noviteit om de Opdracht in het publieke domein te mogen uitvoeren. Het gaat haar dus met name om haar reputatie en goede naam en om voor haar succesvolle toekomstige aanbestedingen. Dit zwaarwegende belang geeft voorshands de doorslag. De voorzieningenrechter zal de subsidiaire vordering daarom als hierna omschreven toewijzen. Daarbij zullen de door Pegamento gevorderde dwangsommen worden gematigd. De voorzieningenrechter zal daarnaast aan de veroordelingen fatale en korte termijnen verbinden waardoor hij tegemoetkomt aan het belang van partijen dat op korte termijn zoveel als mogelijk is duidelijkheid ontstaat over de tijdigheid en kwaliteit van de door Pegamento verrichte prestaties. Het te respecteren belang van de Bevelandse Organisaties om niet in hun contractsvrijheid te worden beperkt, zal hiermee slechts voor een korte periode worden ingeperkt.