30 jun 2026,
Artikel 196 Rv biedt Dynamiet toegang tot Google-gegevens over zoekresultaten
Rb. Amsterdam 11 juni 2026, IT&Recht 5327; ECLI:NL:RBAMS:2026:6091 (Dynamiet tegen Google). In deze zaak tussen Dynamiet en Google (Google Netherlands en Google Ireland) staat de vraag centraal of Dynamiet op grond van artikel 196 Rv inzage kan verkrijgen in gegevens waarover Google beschikt met betrekking tot maatregelen die de zichtbaarheid van haar website in Google Search tussen februari en april 2025 hebben beïnvloed. Dynamiet wil deze informatie gebruiken om haar rechtspositie te bepalen en te beoordelen of aanleiding bestaat een civielrechtelijke procedure tegen Google te starten. De rechtbank wijst het verzoek grotendeels toe. De rechtbank stelt haar internationale bevoegdheid vast op grond van Brussel I-bis en oordeelt dat Nederlands recht van toepassing is. Dynamiet exploiteert een website waarop consumenten informatie kunnen vinden over het terugvorderen van verliezen bij aanbieders van online kansspelen en verleent daarnaast juridische dienstverlening aan consumenten die dergelijke vorderingen willen instellen. Volgens Dynamiet is de vindbaarheid van haar website en een aantal specifieke webpagina's begin 2025 aanzienlijk afgenomen. Nadat een eerder kort geding waarin herstel van de zichtbaarheid werd gevorderd was afgewezen, verzocht Dynamiet Google om gegevens te verstrekken over eventuele technische of inhoudelijke maatregelen die de ranking, filtering, blokkering of verwijdering van haar webpagina's uit de zoekresultaten hadden beïnvloed. Google liet weten geen nadere informatie te verstrekken, voor zover zij daartoe al gehouden zou zijn. Dynamiet verzoekt vervolgens de rechtbank Google te bevelen inzage te geven in gegevens over de betrokken URL's en zoektermen, waaronder informatie over eventuele delisting, demotion, filtering of blokkering, de redenen en triggers voor dergelijke maatregelen, de vraag of deze handmatig of algoritmisch zijn toegepast, de duur daarvan en de interne communicatie, logbestanden en technische documentatie waarin deze maatregelen zijn vastgelegd. Daarnaast vraagt zij dat de gegevens in een digitaal en doorzoekbaar formaat worden verstrekt, voorzien van een leesbare toelichting op de logbestanden, en dat aan niet-nakoming een dwangsom wordt verbonden. Google verschijnt niet in de procedure en reageert evenmin op het verzoek van de rechtbank om zich uit te laten over een mondelinge behandeling.
De rechtbank stelt vast dat het verzoek voldoet aan de formele vereisten van artikel 196 Rv. Op grond van die bepaling moet een verzoek om een voorlopige bewijsverrichting worden toegewezen, tenzij zich één van de wettelijke afwijzingsgronden voordoet. Omdat Google niet is verschenen, is geen beroep gedaan op dergelijke afwijzingsgronden. De rechtbank kan daarom uitsluitend beoordelen of het verzoek in strijd is met de goede procesorde. Daarvan is volgens de rechtbank alleen sprake voor zover Dynamiet ook inzage verlangt in informatie waarover Google zelf niet beschikt, maar die zich wel onder haar beheer of onder het beheer van derden zou bevinden. Dynamiet heeft niet toegelicht welke gegevens zij daarmee bedoelt, op welke derden haar verzoek ziet of op welke wettelijke grondslag dat deel van het verzoek berust. Voor zover het verzoek daarop betrekking heeft, wordt het daarom afgewezen. Voor het overige wordt het verzoek toegewezen. Google moet de gevraagde gegevens verstrekken voor zover zij daarover zelf beschikt. Daarbij gaat het onder meer om gegevens over eventuele verwijdering, verlaging van de ranking, filtering of blokkering van de in het verzoek genoemde URL's en zoektermen, de daaraan ten grondslag liggende redenen en triggers, de aard van de getroffen maatregelen en de interne documentatie waarin deze zijn vastgelegd. De rechtbank bepaalt dat de informatie uiterlijk vijftien werkdagen na ontvangst van de beschikking digitaal en doorzoekbaar moet worden verstrekt, inclusief een leesbare toelichting op de logbestanden. Wel bepaalt de rechtbank dat Dynamiet de redelijke kosten moet vergoeden die Google eventueel moet maken voor het vervaardigen van de afschriften. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen. De rechtbank ziet geen aanleiding te veronderstellen dat Google de beschikking niet zal nakomen en acht een prikkel tot nakoming daarom niet nodig. Omdat het verzoek grotendeels wordt toegewezen, wordt Google veroordeeld in de proceskosten van € 1.556,00. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
4.5. Voordat een procedure aanhangig is, of voordat de zaak op de rol is ingeschreven, kan een belanghebbende de rechter verzoeken om inzage in, afschrift van of een uittreksel van gegevens (zie artikel 196 Rv). Het verzoekschrift voorlopige bewijsverrichtingen moet op grond van artikel 197 lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) inhouden:
a. een kernachtige omschrijving van het geschil of de gebeurtenis waarop het verzoek betrekking heeft en de gronden van het verzoek
b. de aard en het beloop van de vordering
c. de naam en woonplaats van de wederpartij of de redenen waarom de wederpartij onbekend is.
4.6. Dynamiet heeft aan de formele eisen van het verzoekschrift voldaan. Op grond van artikel 196 lid 2 Rv moet de rechtbank het verzoek toewijzen, tenzij zij van oordeel is dat:
- de informatie die wordt verlangd, niet voldoende is bepaald
- er onvoldoende belang bij de voorlopige bewijsverrichting bestaat
- het verzoek om voorlopige bewijsverrichtingen in strijd is met de goede procesorde
- er sprake is van misbruik van bevoegdheid of
- als er andere gewichtige redenen bestaan die zich verzetten tegen de voorlopige bewijsverrichting.
4.7. Omdat Google niet is verschenen, is geen beroep gedaan op één van voornoemde afwijzingsgronden. Dat betekent dat de rechtbank alleen kan toetsen of het verzoek om voorlopige bewijsverrichtingen in strijd is met de goede procesorde (zie Parl. Gesch. Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht 2024/II.33.5 en ECLI:NL:HR:2006:AX7774). Daarvan is slechts sprake voor zover het verzoek betrekking heeft op informatie waar Google niet over beschikt maar waar zij wel het beheer over zou hebben en informatie waarover derden het beheer zouden hebben. Gesteld noch gebleken is wat Dynamiet bedoeld met informatie waarover Google niet de beschikking maar wel het beheer heeft en op welke derden haar verzoek betrekking heeft, laat staan op welke wettelijke grondslag dit deel van het verzoek berust.