Gepubliceerd op woensdag 14 januari 2026
IT 5070
Hoge Raad ||
12 dec 2025
Hoge Raad 12 dec 2025, IT 5070; ECLI:NL:PHR:2025:1362 (Digital Revolution tegen HP), https://itenrecht.nl/artikelen/p-g-drijber-over-dynamic-security-en-misbruik-van-machtspositie

P-G Drijber over Dynamic Security en misbruik van machtspositie

Parket bij de HR 12 december 2025, RB 3954; IT 5070; ECLI:NL:PHR:2025:1362 (Digital Revolution tegen HP). In deze zaak vordert Digital Revolution dat HP stopt met het gebruik van Dynamic Security in haar printers. Met Dynamic Security wijzigt HP periodiek de geheime code in haar printers. Zij doet dit naar eigen zeggen om de printers te beschermen tegen illegale cartridges. Het wijzigen van de geheime code heeft alleen ook tot gevolg dat legale huismerkcartridges van derden, zoals Digital Revolution, niet meer door de printer geaccepteerd worden. Volgens Digital Revolution is deze praktijk aan te merken als misbruik van machtspositie en daarom als strijdig met het mededingingsrecht. Daarnaast betichten Digital Revolution en HP elkaar van misleidende en oneerlijke handelspraktijken. De rechtbank (ECLI:NL:RBAMS:2021:8167) wees de klachten van Digital Revolution af, het hof bevestigde dit oordeel van de rechtbank.  

P-G Drijber begint met de vraag hoe moet worden omgegaan met zogenoemde aftermarkets: markten die verbonden zijn aan een hoofdproduct, zoals cartridges bij printers. Volgens vaste Europese rechtspraak kan een producent alleen een machtspositie hebben op zo’n secundaire markt als concurrentiedruk op de primaire markt die positie onvoldoende disciplineert. Drijber oordeelt dat Digital Revolution onvoldoende concreet heeft onderbouwd dat HP op de cartridgemarkt daadwerkelijk een zelfstandige machtspositie bezit. Het hof heeft daarbij weliswaar niet geheel zuiver geoordeeld door sommige toetsingscriteria op de verkeerde plaats toe te passen, maar dat gebrek kan volgens de P-G niet tot vernietiging leiden.Ook inhoudelijk ziet de P-G geen misbruik. HP mag technische maatregelen nemen om namaakproducten tegen te gaan, productkwaliteit te bewaken en haar intellectuele eigendom te beschermen. Dat deze maatregelen ook legale huismerkcartridges treffen, maakt dat niet onrechtmatig. Van een uitsluitingsstrategie of structurele marktverdringing is onvoldoende gebleken. Daarnaast bevestigt de P-G de oordelen van het hof over de nevenkwesties. Slechts één reclame-uiting van HP werd terecht als misleidend aangemerkt. Daarentegen handelde Digital Revolution zelf onrechtmatig door misleidende informatie te verspreiden over HP’s Instant Ink-abonnement en door op agressieve wijze klanten van HP telefonisch te benaderen. De P-G adviseert de Hoge Raad om zowel het cassatieberoep van Digital Revolution als dat van HP volledig te verwerpen. Als de Hoge Raad dit advies volgt, blijft het arrest van het hof in stand. 

4.27 Digital Revolution neemt overigens met haar klachten onder 1.1 en 1.2 ten onrechte als uitgangspunt dat de stelling van HP dat Dynamic Security een legitiem doelt dient, had moeten worden gekwalificeerd als een rechtvaardigingsgrond in de zin van art. 6:162 lid 2 BW. Een dergelijke rechtvaardigingsgrond is een omstandigheid die de onrechtmatigheid aan de daad ontneemt.46 Het hof concludeert in rov. 4.13 echter dat het handelen van HP jegens Digital Revolution nu juist niet onrechtmatig is. Aan de kwalificatie van Dynamic Security als rechtvaardigingsgrond voor onrechtmatigheid wordt reeds daarom niet toegekomen. In het analyseschema voor toetsing aan art. 102 VWEU betekent de aanwezigheid van een rechtvaardiging bovendien dat het verbod van misbruik van machtspositie niet van toepassing is. De onrechtmatigheidsnorm wordt volledig ingevuld door het unierechtelijke verbod van misbruik van machtspositie. 

4.67 Onder 2.5.D hanteert Digital Revolution als uitgangspunt dat als vaststaand zou gelden dat Dynamic Security een ondeugdelijk middel is tegen counterfeit-cartridges. De reden daarvoor is dat Dynamic Security geen onderscheid kan maken tussen counterfeit- en rechtmatige cartridges. Dat deze ondeugdelijkheid zou vaststaan zie ik niet. Het hof overweegt in rov. 4.13 dat Dynamic Security juist wel enig effect heeft op het bestaan van counterfeitcartridges – en dus niet een ondeugdelijk middel vormt – in die zin dat het voorkómt dat de printer niet functioneert omdat geen schade aan de printer kan ontstaan en evenmin andere nadelige effecten voor de gebruiker kunnen optreden. Gelet hierop kunnen de klachten niet slagen (zie ook hiervoor, 4.25). 

4.68 Onder 2.5.E betoogt Digital Revolution dat niet alleen huismerkcartridges van haar worden geraakt, maar ook die van derden-aanbieders. Het hof zou dit miskennen bij het oordeel dat de enkele omstandigheid dat met Dynamic Security ook de huismerkcartridges worden geweerd, het gebruik van Dynamic Security nog niet onrechtmatig maakt. Dit betoog kan Digital Revolution niet baten omdat de gestelde impact van Dynamic Security op de cartridges van derde partijen geen verschil maakt voor het oordeel over de rechtmatigheid daarvan jegens Digital Revolution. De overige klachten falen omdat (wederom) tot uitgangspunt wordt genomen dat Dynamic Security primair ten doel heeft rechtmatige cartridges van andere aanbieders te weren en dit een ondeugdelijk middel zou zijn voor het weren van counterfeit-cartridges. 

4.69 Onder 2.5.F stelt Digital Revolution dat het hof in rov. 4.13 oordeelt dat Dynamic Security verder gaat dan noodzakelijk is voor het weren van counterfeit-cartridges, omdat ook rechtmatige huismerkcartridges worden geweerd. Dit is echter niet wat het hof heeft geoordeeld. Het hof is juist van oordeel dat, nu er weinig mogelijkheden zijn om counterfeit te weren, Dynamic Security een rechtmatige en gerechtvaardigde methode is, ook als wordt meegewogen dat daarmee de rechtmatige huismerkcartridges van Digital Revolution worden geweerd. Dynamic Security gaat dus volgens het hof juist niet verder dan noodzakelijk.