Gepubliceerd op donderdag 28 mei 2026
IT 5285
Rechtbank Noord-Holland ||
8 apr 2026
Rechtbank Noord-Holland 8 apr 2026, IT 5285; ECLI:NL:RBNHO:2026:5005 (Audax tegen de Beleving), https://itenrecht.nl/artikelen/opzegvergoeding-energiecontract-volledig-toegewezen-na-voortijdige-beeindiging

Opzegvergoeding energiecontract volledig toegewezen na voortijdige beëindiging

Rb. Noord-Holland 8 april 2026, IT 5285; ECLI:NL:RBNHO:2026:5005 (Audax tegen de Beleving). In deze zaak tussen Audax Renewables Nederland B.V. en Horeca De Beleving B.V. staat de vraag centraal of een onderneming een opzegvergoeding verschuldigd is na voortijdige beëindiging van een energiecontract. Namens De Beleving had een inkooporganisatie (Procent Energie) een driejarig energiecontract gesloten met Audax. De Beleving betwistte gebonden te zijn aan deze overeenkomst en stelde dat Procent haar volmacht had overschreden. Daarnaast voerde zij aan dat de opzegvergoeding onredelijk was en gematigd moest worden.

De kantonrechter oordeelt dat De Beleving wél gebonden is aan het contract. Doorslaggevend is dat Audax erop mocht vertrouwen dat Procent bevoegd was om namens De Beleving op te treden. Daarbij weegt mee dat Procent vaker namens bedrijven contracten sluit, dat De Beleving niet heeft geprotesteerd na ontvangst van de contractbevestiging en dat zij gedurende een jaar de facturen heeft betaald. Nu het energiecontract voortijdig is beëindigd, is De Beleving op grond van de overeenkomst en de toepasselijke algemene voorwaarden een opzegvergoeding verschuldigd. Het beroep op onbekendheid met de algemene voorwaarden slaagt niet. Ook voor matiging van de vergoeding ziet de kantonrechter geen aanleiding, omdat onvoldoende is onderbouwd dat volledige toewijzing onaanvaardbaar zou zijn. De vordering van Audax wordt volledig toegewezen, inclusief rente en incassokosten. De tegenvorderingen van De Beleving worden afgewezen.

4.4 De kantonrechter oordeelt dat Audax ervan uit mocht gaan dat Procent over een toereikende volmacht beschikte om namens De Beleving een energiecontract te sluiten. Daarvoor is van belang dat Procent veelvuldig overeenkomsten sluit namens bedrijven. Audax mocht er daardoor vanuit gaan dat Procent ook namens De Beleving gemachtigd was een overeenkomst aan te gaan. Verder is van belang dat Audax na het toesturen van de contractbevestiging op 27 november 2023 geen afwijzende reactie van De Beleving heeft ontvangen en dat De Beleving het eerste jaar de maandelijkse facturen van Audax ook heeft betaald. Audax kon daardoor, ook als zij de inhoud van de volmacht kende, niet weten dat De Beleving niet de bedoeling had gehad om Procent te machtigen namens haar een energiecontract te sluiten.