Gepubliceerd op woensdag 16 september 2026
IT 5517
Rechtbank Rotterdam ||
7 aug 2026,
Rechtbank Rotterdam 7 aug 2026,, IT 5517; ECLI:NL:RBROT:2026:11090 ([eiser] tegen [gedaagde]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/negatieve-google-review-over-dienstverlening-makelaar-niet-onrechtmatig

Negatieve Google-review over dienstverlening makelaar niet onrechtmatig

Rb. Rotterdam 7 augustus 2026, IT 5517; ECLI:NL:RBROT:2026:11090 ([eiser] tegen [gedaagde]). De kantonrechter wijst de vordering af van een makelaar die verwijdering van een negatieve Google-review eiste. Het plaatsen van een review over de dienstverlening van een onderneming valt volgens de kantonrechter in beginsel onder de vrijheid van meningsuiting, ook wanneer die review negatief is. Die vrijheid is niet onbeperkt: een review kan onrechtmatig zijn in de zin van artikel 6:162 BW, bijvoorbeeld wanneer sprake is van smaad of laster, of wanneer de tekst anderszins een ontoelaatbare inbreuk maakt op de goede naam of reputatie van een ander. Of daarvan sprake is, moet worden beoordeeld aan de hand van de concrete omstandigheden van het geval.

In dit geval acht de kantonrechter de review niet smadelijk of lasterlijk en evenmin anderszins onrechtmatig. Voldoende is gebleken dat gedaagde haar ervaringen oprecht wilde delen en anderen wilde waarschuwen. De review bevat volgens de kantonrechter geen evidente onjuistheden en geen onnodig kwetsende of beledigende uitingen, zodat niet kan worden gezegd dat gedaagde de grenzen van het toelaatbare heeft overschreden. Dat een lezer de indruk kan krijgen dat eiser zich helemaal niet om huurders bekommert, terwijl dit volgens de kantonrechter niet zo is, maakt dat niet anders. Ook de passage dat slechts één nacht hotelopvang was aangeboden en daarna verdere verantwoordelijkheid werd vermeden, maakt de review niet onrechtmatig. Hoewel uiteindelijk meerdere hotelovernachtingen zijn vergoed, acht de kantonrechter voldoende aannemelijk dat gedaagde doelde op het aanvankelijke aanbod van één overnachting op 5 januari 2025 en oprecht meende dat zonder haar bemoeienis niet snel een acceptabele oplossing zou zijn bereikt. Niet is gebleken dat zij de review plaatste met het doel eiser schade toe te brengen. De vordering tot verwijdering wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten van € 360.

[gedaagde] hoeft de review niet te verwijderen

2.6.

De kantonrechter komt tot het oordeel dat [gedaagde] de review niet hoeft te verwijderen. De eis van [eiser] wordt dan ook afgewezen. De kantonrechter legt hierna uit waarom.

2.7.

Het plaatsen van een review op het internet, bijvoorbeeld over de ervaring met de dienstverlening van een bedrijf, valt in principe onder de vrijheid van meningsuiting, ook als die review negatief is. De vrijheid van meningsuiting is echter niet onbegrensd. Als er sprake is van een tekst die als onrechtmatig kan worden beschouwd zoals bedoeld in de wet (artikel 6:162 BW) en daarmee niet meer onder de toegelaten vrijheid van meningsuiting valt, dan kan beslist worden dat die tekst verwijderd moet worden. Dat is in ieder geval zo als de tekst smadelijk en/of lasterlijk is, omdat smaad en laster in strijd zijn met de wet, en meer specifiek met wat strafrechtelijk verboden is. Smaad en laster zijn strafbare feiten.

Bij smaad uit iemand opzettelijk beschuldigingen over een ander met als doel de eer of de goede naam van die persoon te schaden. Bij laster is er sprake van smaad, waarbij degene die de beschuldigingen uit, weet dat deze in strijd met de waarheid zijn.

Daarnaast kan het plaatsen van een tekst als onrechtmatig worden beschouwd, als, zonder dat er sprake is van smaad of laster zoals bedoeld in het strafrecht, daarmee een ontoelaatbare inbreuk wordt gemaakt op de goede naam of reputatie van een ander, bijvoorbeeld als de tekst onnodig kwetsend en/of beledigend is, met als doel die ander in een kwaad daglicht te stellen. Aan de hand van de relevante omstandigheden van het concrete geval moet worden beoordeeld of het plaatsen van een negatieve review een onrechtmatige daad oplevert.

2.8.

De kantonrechter is van oordeel dat de review van [gedaagde] niet onrechtmatig is. De tekst is niet smadelijk, lasterlijk en levert ook niet anderszins een ontoelaatbare inbreuk op op de reputatie van [eiser] . De kantonrechter acht voldoende gebleken dat [gedaagde] oprecht haar ervaringen wilde delen op het internet om anderen te waarschuwen voor [eiser] . Niet gezegd kan worden dat [gedaagde] met de review de grenzen van het toelaatbare heeft overschreden. Er staan geen evidente onjuistheden of onnodig kwetsende of beledigende uitingen in de review. Weliswaar kan een lezer van de review de indruk krijgen dat [eiser] zich helemaal niet bekommert om huurders, terwijl dit niet zo is, maar dat neemt niet weg dat [gedaagde] dit wel zo kan hebben ervaren. Dat zij dit heeft opgeschreven in een review op het internet was haar goed recht. Op de zitting is specifiek gesproken over de zin waarin staat dat “slechts één nacht hotelopvang aangeboden, waarna alle verdere verantwoordelijkheid werd vermeden”. De kantonrechter begrijpt en kan zich goed voorstellen dat [eiser] daarover gevallen is en dat [eiser] meent dat dit geen recht doet aan wat er uiteindelijk feitelijk is gebeurd, namelijk dat er meerdere hotelovernachtingen zijn vergoed voor [persoon B] . Echter, de kantonrechter acht voldoende aannemelijk dat [gedaagde] bij het schrijven van de review doelde op het aanbod van één hotelovernachting op 5 januari 2025 en dat zij oprecht van mening was dat als zij zich niet met de betreffende situatie had bemoeid [eiser] geen initiatief zou hebben genomen om snel tot een acceptabele oplossing voor de situatie van [persoon B] te komen. Dat [gedaagde] de review zou hebben geplaatst met als doel om [eiser] schade toe te brengen, acht de kantonrechter niet gebleken.