16 jan 2026
A-G: cassatieberoep in IT-implementatiegeschil faalt wegens schending onderzoeks- en waarschuwingsplicht
Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2026, IT&R 5143; ECLI:NL:PHR:2026:93 (GAC tegen Verano c.s.). Deze conclusie betreft een cassatieprocedure in een IT-implementatiegeschil tussen GAC, als professionele IT-leverancier, en Verano c.s., die haar bestaande systeem wilde vervangen door een nieuw ERP-systeem. Het hof had de rechtsverhouding gekwalificeerd als een overeenkomst van opdracht, zodat op GAC de maatstaf van art. 7:401 BW rustte: zij moest handelen als een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot. Tegen die achtergrond oordeelde het hof dat GAC in het voortraject onvoldoende onderzoek had gedaan naar de organisatie en behoeften van Verano c.s. en evenmin voldoende had gewaarschuwd voor de gevolgen daarvan, terwijl dat gebrek aan onderzoek en waarschuwing wél doorwerkte in de verwachtingen die GAC bij Verano c.s. had gewekt over de implementatie van de standaardsoftware en de te verwachten omvang van meer- en maatwerk. Daarbij was van bijzonder belang dat GAC zelf had aangevoerd dat een zogeheten “Diagnose” juist bedoeld was om de benodigde software, kosten en implementatieduur beter in kaart te brengen, maar dat die Diagnose niet is uitgevoerd. Volgens het hof had GAC dat, gelet op haar professionele positie en het complexe karakter van het project, niet zonder meer mogen laten passeren zonder duidelijk te maken dat zij dan niet over de vereiste informatie beschikte. Op die grond kwam het hof tot het oordeel dat GAC was tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst; niet omdat de software als zodanig ondeugdelijk was gebleken, maar omdat GAC haar onderzoeks- en waarschuwingsplicht had geschonden ten aanzien van de geschiktheid van de oplossing en de te verwachten kosten van het benodigde meerwerk.
A-G Assink acht de daartegen gerichte cassatieklachten vergeefs voorgesteld en concludeert tot verwerping van het cassatieberoep. Volgens hem heeft het hof niet buiten de grenzen van de rechtsstrijd getreden en evenmin de feitelijke grondslag van de vordering ontoelaatbaar aangevuld; het heeft slechts het verweer van GAC beoordeeld in het licht van Verano’s stellingen over het ontbreken van voldoende onderzoek en waarschuwing. Ook acht de A-G het niet onbegrijpelijk dat het hof groot gewicht heeft toegekend aan het verschil in deskundigheid tussen een professionele IT-leverancier en een IT-gebruiker. Verder stond het contractuele uitgangspunt dat met standaardsoftware zou worden gewerkt en dat geen softwareaanpassingen waren begroot, er niet aan in de weg dat het hof betekenis toekende aan de verwachtingen die GAC in het voortraject had gewekt. De kern van het hofoordeel is immers niet dat GAC een bepaald resultaat had gegarandeerd, maar dat zij zonder toereikend vooronderzoek verwachtingen heeft gewekt over de passendheid van de standaardoplossing en de beperkte noodzaak van meerwerk. De A-G laat ook het oordeel van het hof in stand dat schade voldoende aannemelijk was om verwijzing naar de schadestaatprocedure te rechtvaardigen, nu de forse overschrijding van de te verwachten kosten in verband met het meer- en maatwerk dragend kon zijn voor de mogelijkheid van schade, terwijl de precieze omvang nog niet kon worden vastgesteld. De conclusie strekt daarom tot verwerping van het cassatieberoep.
2.12.6 “
“Onderzoeksplicht GAC”
- Verano c.s. betoogt dat GAC haar zorgplicht jegens Verano c.s. heeft geschonden. Dit bestaat onder meer eruit dat GAC zich niet voldoende in de bedrijfsprocessen van Verano c.s. heeft verdiept en dus niet voldoende informatie heeft ingewonnen. Het had op de weg van GAC gelegen om te informeren naar het soort onderneming van Verano c.s. (rov. 3.9.1-3.9.2)
- Volgens GAC is het onjuist dat zij zich in het voortraject onvoldoende heeft verdiept in de onderneming van Verano c.s. (rov. 3.9.3)
- Uit de stellingen van GAC volgt dat zij in dit geval een zogenoemde “Diagnose” aangewezen achtte. De Diagnose is mede behulpzaam om een zo goed mogelijke inschatting te kunnen maken van de benodigde software, de te verwachten kosten en de vermoedelijk benodigde implementatietijd. (rov. 3.9.4)
- Het hof stelt verder vast dat een dergelijke Diagnose in dit geval niet is uitgevoerd. (rov. 3.9.5)
- GAC stelt dat Verano c.s. tegen het advies van GAC in ervoor heeft gekozen geen Diagnose toe te staan. Naar het oordeel van het hof had GAC dit als de professionele IT-leverancier en -dienstverlener en terzake deskundige partij niet zonder meer mogen accepteren, ook gelet op de complexiteit van het IT-project voor een complex bedrijf met meerdere vestigingen/dochter- of zusterbedrijven. (rov. 3.9.6)
- GAC heeft aldus niet voldoende onderzoek gedaan in het voortraject. Zij had Verano c.s. in elk geval voldoende duidelijk moeten waarschuwen dat zij niet over de benodigde informatie beschikte. Dit heeft GAC niet gedaan. Dat Verano c.s. volgens GAC ervoor heeft gekozen GAC niet toe te staan een Diagnose uit te voeren, maakt dat niet anders, gezien de hoedanigheid van partijen en het verschil in deskundigheid. (rov. 3.9.7)
- Gelet op het voorgaande heeft GAC haar zorgplicht jegens Verano c.s. geschonden. In dat opzicht slaagt grief 2 ook. (rov. 3.9.8)
3.24
In rov. 3.9.3 gaat het hof over tot het weergeven van GAC’s reactie op subgrief 2.1.26 Meer in het bijzonder: GAC heeft zich op het standpunt gesteld dat het verwijt dat zij zich in het voortraject onvoldoende heeft verdiept in de onderneming van Verano c.s. onjuist is. Het hof overweegt daarnaast dat GAC daarbij heeft verwezen naar haar beschrijving van het voortraject in de CvA en de MvA. Ik lees in de MvA terug dat GAC heeft verwezen naar nrs. 9-23 van de MvA en nrs. 7-35 van de CvA waar “in extenso het gehele voortraject is beschreven.”27 In genoemde vindplaatsen bespreekt GAC - voor zover relevant voor haar standpunt dat het verwijt dat GAC zich in het voortraject onvoldoende heeft verdiept in de onderneming van Verano c.s. onjuist is - dat zij bij Verano c.s. erop heeft aangedrongen een zogenaamde Diagnose uit te voeren, maar dat Verano c.s., tegen het advies van GAC in, ervoor heeft gekozen geen Diagnose toe te staan.28 Andere onderwerpen die GAC in die vindplaatsen bespreekt, zijn niet relevant voor haar betoog dat onjuist is dat zij zich onvoldoende heeft verdiept in de onderneming van Verano c.s.,29 dan wel zien op het tijdvak van na het sluiten van de overeenkomst.30 Ook bespreekt GAC het onderscheid tussen enerzijds de Diagnose en anderzijds de ‘diagnose’,31 waarover meer onder 3.29 hierna.
3.25
Het betoog van GAC over de Diagnose bespreekt het hof in rov. 3.9.4-3.9.6, waarbij het in rov. 3.9.4 de stelling weergeeft dat GAC in dit geval een Diagnose aangewezen achtte,32 en de werkwijze en het doel van de Diagnose beschrijft.33 In rov. 3.9.5 stelt het hof mede vast dat de Diagnose in dit geval niet is uitgevoerd. In rov. 3.9.6 overweegt het hof dat GAC stelt dat Verano c.s., tegen het advies van GAC in, ervoor heeft gekozen GAC niet toe te staan een Diagnose uit te voeren.34 Naar het oordeel van het hof had GAC dit als professionele IT-leverancier en -dienstverlener en ter zake deskundige partij (zie ook onder 3.23 hiervoor) niet zonder meer mogen accepteren. Daarbij is mede in aanmerking genomen dat het volgens GAC ging om een complex IT-project, voor een complex bedrijf met meerdere vestigingen/dochter- of zusterbedrijven (zie steeds rov. 3.9.6).
3.26
Op die basis komt het hof in rov. 3.9.7 tot de gevolgtrekking dat “GAC aldus niet voldoende onderzoek [heeft] gedaan in het voortraject”, en dat GAC Verano c.s. in elk geval voldoende duidelijk had moeten waarschuwen dat GAC niet over de benodigde informatie beschikte, wat zij niet heeft gedaan. Dat Verano c.s. volgens GAC ervoor heeft gekozen GAC niet toe te staan een Diagnose uit te voeren, maakt het oordeel van het hof niet anders, gezien de hoedanigheid van partijen en het verschil in deskundigheid (zie steeds rov. 3.9.7). In rov. 3.9.8, tot slot, komt het hof, samengevat, tot het oordeel dat GAC haar zorgplicht jegens Verano c.s. heeft geschonden.