DOSSIERS
Alle dossiers

Telecomrecht  

IT 4551

BKR wint geschil van Odido over doorbelasting kosten inzageverzoeken

Rechtbank 1 mei 2024, IT 4551; ECLI:NL:RBGEL:2024:2708 (BKR tegen Odido), https://itenrecht.nl/artikelen/bkr-wint-geschil-van-odido-over-doorbelasting-kosten-inzageverzoeken

Rb Gelderland 1 mei 2024, IT 4551; ECLI:NL:RBGEL:2024:2708 (BKR tegen Odido). In onderhavige zaak tussen BKR en Odido draait het om de betaling van facturen voor inzageverzoeken in het register van Bureau Krediet Registratie (BKR). Odido meent dat BKR alleen de daadwerkelijke kosten mag doorberekenen en eist daarom volledige financiële verantwoording en inzage in de kostenstructuur. BKR stelt echter dat zij gerechtigd is om het tarief voor inzageverzoeken vast te stellen en dat de doorbelasting niet beperkt is tot de daadwerkelijke kosten. De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst tussen BKR en Odido geen verplichting voor BKR bevat om alleen de werkelijke kosten door te belasten. Zij baseert dit oordeel op de tekst van de overeenkomst, het Algemeen Reglement CKI en de Algemene Handleiding CKI, evenals op de achtergrond van de overeenkomst en de feitelijke omstandigheden. De rechtbank concludeert dat het niet de bedoeling is geweest om alleen de daadwerkelijke kosten in rekening te brengen of achteraf te verrekenen op basis van de werkelijke kosten. Daarom wijst de rechtbank de vorderingen van Odido af en die van BKR toe. Odido mag de betaling van de facturen van BKR niet opschorten en wordt veroordeeld tot betaling van de openstaande facturen. Odido kan zich niet beroepen op de aanvullende werking van redelijkheid en billijkheid omdat er geen leemte is in de overeenkomst wat betreft financiële verantwoording. Anders dan Odido stelt, rust op BKR ook geen dergelijke transparantieverplichting. De rechtbank komt in een soortgelijke zaak tegen KPN tot een soortgelijk oordeel. 

IT 4469

ING niet aansprakelijk voor spoofing

Rechtbank 23 jan 2024, IT 4469; ECLI:NL:RBAMS:2024:441 (Eiseres tegen ING), https://itenrecht.nl/artikelen/ing-niet-aansprakelijk-voor-spoofing

Rb. Amsterdam 23 januari 2024, IT 4469; ECLI:NL:RBAMS:2024:441 (Eiseres tegen ING) Eiseres heeft een betaalrekening bij de ING. ING heeft een beleid opgesteld voor slachtoffers van bankhelpdeskfraude, ook wel bekend als 'spoofing'. Dit type fraude omvat situaties waarbij een oplichter zich voordoet als een medewerker van de bank en het slachtoffer misleidt om een betaling uit te voeren.

IT 4433

De minister van Economische Zaken en Klimaat krijgt gelijk over haar wijzigingen voor het Nationaal Frequentieplan

Rechtbank Rotterdam 29 nov 2023, IT 4433; ECLI:NL:RBROT:2023:10986 (Eiseressen tegen ministerie van Economische Zaken en Klimaat), https://itenrecht.nl/artikelen/de-minister-van-economische-zaken-en-klimaat-krijgt-gelijk-over-haar-wijzigingen-voor-het-nationaal-frequentieplan

Rb. Rotterdam 29 november 2023, IT 4433; ECLI:NL:RBROT:2023:10986 (Eiseressen tegen ministerie van Economische Zaken en Klimaat en Inmarsat Solutions B.V.) In deze zaak beoordeelt de rechtbank de beroepen van VodafoneZiggo, Odido, KPN (telecomproviders) en Schiphol, Havenbedrijf Rotterdam, ECT, Greenet en Venus&Mercury (lokale gebruikers) tegen de besluiten van de Minister van Economische zaken en Klimaat (hierna: EZK) en Inmarsat Solution B.V. tot wijziging van het Nationaal frequentieplan (NFP). Het EZK heeft plannen om de 3,5 GHz-band aan te passen om de implementatie van snellere 5G-netwerken mogelijk te maken. EZK overweegt een gedeeltelijke vrijmaking van de band tussen 3400 en 3800 MHz voor 5G, ondanks het feit dat eiseressen op dit moment van deze frequenties gebruikmaken.

IT 4387

Nieuwe frequentie radio-omroep onterecht toegewezen

Overige instanties 19 sep 2023, IT 4387; ECLI:NL:CBB:2023:517 (KRCO tegen minister van Economische Zaken en Klimaat), https://itenrecht.nl/artikelen/nieuwe-frequentie-radio-omroep-onterecht-toegewezen

College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 september 2023, IT 4387; ECLI:NL:CBB:2023:517 (KRCO tegen minister van Economische Zaken en Klimaat). Het geschil gaat over een wijziging van de vergunning voor het gebruik van een frequentieruimte van de radio SRC FM. In 2019 heeft een herverdeling van de gemeente plaatsgevonden, waardoor SRC FM een groter verzorgingsgebied heeft gekregen. SRC FM is hierdoor van oordeel dat de toegekende frequentie niet meer toereikend is en heeft verzocht om een frequentiewijziging, welke door de minister toegekend. KRCO heeft hiertegen beroep ingesteld.

IT 4182

KPN mocht overeenkomst ontbinden

Rechtbank Amsterdam 30 aug 2022, IT 4182; ECLI:NL:RBAMS:2022:7105 (Datasims tegen KPN), https://itenrecht.nl/artikelen/kpn-mocht-overeenkomst-ontbinden

Vzr. Rechtbank Amsterdam 30 augustus 2022, IT 4182; ECLI:NL:RBAMS:2022:7105 (Datasims tegen KPN) Datasims is een onderneming die IT en telecommunicatie gerelateerde producten en diensten ontwerpt, ontwikkelt en uitvoert. Naam 1 was tot 28 juli 2022 indirect bestuurder van Datasims en heeft op enig moment een SD-WAN-oplossing ontwikkeld. Voor de werking van deze oplossing bij de klant is mobiel internet nodig. Op 26 april 2020 heeft Datasims een overeenkomst gesloten met KPN op grond waarvan KPN aan Datasims simkaarten met data en vaste telefonie is gaan leveren. Begin mei 2022 ontstond bij KPN het vermoeden dat Datasims op oneigenlijke wijze gebruik maakte van de simkaarten van KPN. Op 3 mei 2022 heeft KPN aan Datasims meegedeeld dat KPN per direct stopt met het leveren van simkaarten aan Datasims. Op 28 mei 2022 heeft KPN voor het laatst simkaarten geleverd aan Datasims. Datasims vordert de voorzieningenrechter KPN te veroordelen de overeenkomst na te komen. De voorzieningenrechter oordeelt dat KPN de overeenkomst mocht ontbinden. Verder leidt een belangenafweging er niet toe dat KPN de overeenkomst na 1 september 2022 nog tijdelijk moet voortzetten. De vorderingen van Datasims worden afgewezen.

IT 4133

HvJ EU: persoonsgegevens openbare telefoongids

HvJ EU 27 okt 2022, IT 4133; ECLI:EU:C:2022:833 (Proximus tegen Gegevensbeschermingsautoriteit), https://itenrecht.nl/artikelen/hvj-eu-persoonsgegevens-openbare-telefoongids

HvJ EU 27 oktober 2022, IT 4133; ECLI:EU:C:2022:833 (Proximus tegen Gegevensbeschermingsautoriteit) Proximus is een aanbieder van telecommunicatiediensten in België. Proximus biedt ook telefoongidsen en telefooninlichtingendiensten aan. Die telefoongidsen bevatten de naam, het adres en het telefoonnummer van de abonnees van de verschillende aanbieders van telefoondiensten die voor het publiek beschikbaar zijn. De operatoren verstrekken deze contactgegevens aan Proximus, tenzij de abonnee de wens heeft geuit niet te worden vermeld in de telefoongidsen. Proximus zendt de contactgegevens die zij ontvangt ook door naar een andere aanbieder van telefoongidsen. De klager is een abonnee van Telenet, een operator van telefoondiensten die op de Belgische markt actief is. Telenet geeft geen abonneelijsten uit, maar zendt de contactgegevens van haar abonnees door naar aanbieders van abonneelijsten, onder meer naar Proximus. Er ontstaat een geschil met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens. Het Hof bevestigt dat de toestemming van een naar behoren geïnformeerde abonnee noodzakelijk is om zijn persoonsgegevens te kunnen publiceren in een openbare telefoongids en dat de toestemming zich uitstrekt tot elke latere verwerking van de gegevens door derde ondernemingen die actief zijn op de markt voor openbare telefooninlichtingendiensten en telefoongidsen, op voorwaarde dat deze verwerkingen ditzelfde doel hebben. Deze toestemming vereist een „vrije, specifieke, geïnformeerde en ondubbelzinnige” wilsuiting van de betrokkene die de vorm aanneemt van een verklaring of „een ondubbelzinnige actieve handeling” waaruit blijkt dat hij de verwerking van hem betreffende persoonsgegevens aanvaardt. 

IT 4094

Aansprakelijkheid wegens onbevoegdheid bij sluiten telecomovereenkomst

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 6 sep 2022, IT 4094; ECLI:NL:GHARL:2022:7714 (appellant tegen geïntimeerde ), https://itenrecht.nl/artikelen/aansprakelijkheid-wegens-onbevoegdheid-bij-sluiten-telecomovereenkomst

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 16 september 2022, IT 4094, ECLI:NL:GHARL:2022:7714 (appellant tegen geïntimeerde) Appellant is agent geweest bij het tot stand komen van telefoonabonnementen tussen telecomaanbieders en anderzijds klanten van telecomdiensten. Zo is appellant ook agent geweest bij de tot stand gekomen overeenkomst tussen geïntimeerde en Telfort. Appellant heeft een zakelijk telefoonabonnement afgesloten met Telfort voor SAVA Verkeersregelaars. Geïntimeerde handelde hierbij als vertegenwoordiger van SAVA Verkeersregelaars, zonder dat hij daartoe bevoegd was. De overeenkomst is derhalve niet rechtsgeldig tot stand gekomen, appellant lijdt hierdoor schade. Het hof oordeelt dat geïntimeerde onrechtmatig heeft gehandeld jegens appellant en de door appellant geleden schade, verminderd met eigen schuld, dient te vergoeden.

IT 3845

Met dank aan Wilfred Steenbruggen, Bird&Bird.

Telecomcode treedt ook voor Nederland in werking

Op 1 maart jl. is de Telecomcode ook voor Nederland volledig in werking getreden. Dat betekent onder meer dat de telecomregels worden uitgebreid naar over the top (OTT) communicatiediensten zoals WhatsApp, in jargon "nummeronafhankelijke interpersoonlijke communicatiediensten". Maar het heeft ook belangrijke gevolgen voor de privacy. Ook de privacyregels die in Nederland zijn neergelegd in hoofdstuk 11 Telecommunicatiewet (denk aan het communicatiegeheim en de regels mbt gebruik verkeersgegevens door aanbieders) zullen namelijk voortaan op deze diensten van toepassing zijn. Dat is overigens niet te danken aan de Nederlandse wetgever maar aan de Europese Commissie die dit op het laatste moment heeft afgedwongen. De wetgever wilde hiervoor een uitzondering maken.
 

IT 3723

Prejudiciële vragen over mededingingsrecht SEO-houder

HvJ EU 3 mei 2021, IT 3723; (Nokia Technologies), https://itenrecht.nl/artikelen/prejudici-le-vragen-over-mededingingsrecht-seo-houder

Landgericht Düsseldorf (Duitsland) 3 mei 2021, IEF 20351, IT 3723, IEFbe 3326; C-182/21 (Nokia Technologies) Via Minbuza. Verzoekster (Nokia Technologies) heeft een Europees octrooi voor een verzendmethode van gegevens in een telecommunicatiesysteem. Nokia Corporation heeft ETSI in kennis gesteld van de aanmelding van het litigieuze octrooi. Zij heeft verklaard dat zij deze als essentieel voor de LTE-standaard beschouwt en een FRAND-verklaring afgegeven. In verweersters voertuigen zijn onder andere TCU’s (Telematics Control Units) ingebouwd waarmee de voertuigen (Connected Cars), met name via het LTE-netwerk, verbinding kunnen maken met het internet. Nokia vordert staking van de inbreuk op het litigieus octrooi. Volgens verweerster volgt uit artikel 102 VWEU en ook uit de afgegeven FRANDverklaring, dat een SEO-houder aan elke licentieverzoeker die bereid is een licentie te nemen een eigen onbeperkte licentie moet aanbieden voor alle octrooirechtelijk relevante vormen van gebruik van dit SEO. De verwijzende rechter overweegt dat artikel 102 VWEU ruimte laat voor verschillende uitleggingen die voor een ervaren jurist redelijkerwijs in gelijke mate mogelijk zijn, en dat de voor het oordeel relevante vragen nog niet door het Hof zijn uitgelegd, en vooral niet afdoend zijn beantwoord in het arrest Huawei/ZTE. 

IT 3648

Prejudiciële vraag over de uitleg van verordening nr. 531/2012

HvJ EU 2 sep 2021, IT 3648; ECLI:EU:C:2021:675 (Vodafone tegen Duitsland), https://itenrecht.nl/artikelen/prejudici-le-vraag-over-de-uitleg-van-verordening-nr-531-2012

HvJ EU 2 september 2021, IT 3648; IEFbe 3273; ECLI:EU:C:2021:675 (Vodafone tegen Duitsland) Het verzoek om een prejudiciële beslissing betreft de verordening nummer 531/2012. Deze gaat over roaming op openbare mobielecommunicatienetwerken binnen de Unie. In artikel 3 staat onder andere dat telecombedrijven diensten moeten aanbieden zonder discriminatie. Vodafone is actief in deze branche en stelt haar klanten voor om bij het basistarief gratis „zero-rating”-tariefopties te nemen. De algemene contractvoorwaarden bepalen dat deze tariefopties alleen geldig zijn op het nationale grondgebied.  Daarop heeft het Verwaltungsgericht Köln het Hof verzocht om een prejudiciële beslissing te nemen over de vraag of dit verenigbaar is met Unierecht. Gelet op een en ander dient op de gestelde vragen te worden geantwoord dat artikel 3 van verordening 2015/2120 aldus moet worden uitgelegd dat een beperking van het roaminggebruik wegens de activering van een „zero-rating”-tariefoptie onverenigbaar is met de verplichtingen die voortvloeien uit lid 3 van dat artikel.